Nieuw onderzoek van de Universiteit van Oxford toont aan dat autistische volwassenen vaker PTSS ontwikkelen, niet door meer trauma, maar door sterkere zelfkritiek en vervreemding. De interne verhalen die zij over hun ervaringen vormen, spelen een cruciale rol bij hun lijden. Validatie en gemeenschap zijn essentieel voor hun herstel.
Een recente studie bevestigt dat autistische volwassenen hun leven vaak ervaren als een uitputtende act. Terwijl sociale acceptatie belangrijk is, kunnen de uitdagingen van autisme niet enkel worden toegeschreven aan stigma. De unieke cognitieve belastingen en de biologische realiteit van autisme vereisen zowel erkenning als praktische ondersteuning, niet alleen maatschappijkritiek en veranderingen in de samenleving.
Het nieuw Nederlands onderzoek van Meerman en collega’s benadrukt dat autistische jongvolwassenen ondersteund moeten worden om te bloeien, in plaats van hersteld te worden. Ze identificeren acht pijlers voor welzijn: autonomie, menselijk contact, gemoedsrust, persoonlijke ontwikkeling, gezondheid, plezier, werk, en zingeving. Ze gebruiken de capability-benadering die benadrukt het creëren van passende omstandigheden in plaats van focus op beperkingen.
Neurodiversiteit is een term die mensen verbindt, maar ook verwarring kan veroorzaken over identiteiten en behoeften. Uit onderzoek blijkt dat terwijl veel neurodivergente mensen de term gebruiken, ze ook de noodzaak van concrete veranderingen in de samenleving benadrukken. Taal alleen is niet genoeg; daadwerkelijke ondersteuning is cruciaal. Een samenvatting van een onderzoek en enige kritiek van mezelf.
De studie van Ferrer Knight en Birtles (2025) onthult hoe tactiele gevoeligheid voor kleding dagelijkse irritaties en pijn veroorzaakt bij autistische volwassenen. Het onderzoek toont aan dat oncomfortabele kleding niet alleen fysieke stress, maar ook negatieve invloed op zelfbeeld en sociale interactie heeft. Er is behoefte aan zintuiglijk-vriendelijke mode en aangepaste kledingvoorschriften. Aanvullend enige kritiek op de studie vanuit mijn perspectief.
Nieuw onderzoek toont twee ontwikkelingspaden binnen autisme, elk met een eigen genetisch profiel. Het ‘vroege pad’ wordt gekenmerkt door een diagnose op jonge leeftijd en een zwakke genetische link met ADHD. Bij het ‘late pad’ manifesteren moeilijkheden zich later en is er een sterke genetische overlap met ADHD. Hoewel genetica circa 11% verklaart, bepalen omgevings- en persoonlijke factoren grotendeels de leeftijd van diagnose. Ik bespreek het artikel vanuit eigen perspectief en voeg enkele kritische noten bij.
Dr. Wenn Lawson’s Engelstalige boek “Autism and Being Monotropic” (Springer, 2025) wijst op de tekortkomingen van traditioneel autismeonderzoek dat volgens hem onvoldoende rekening houdt met de diversiteit aan ervaringen van autistische mensen. Lawson introduceert het concept monotropie, dat de intense en gefocuste aandacht van autistische individuen beschrijft. Dit biedt nieuwe inzichten in autistische kenmerken en de rol van passies in hun leven. In dit leesverslag bespreek ik zijn boek, inclusief mijn eigen ervaring met het boek.
Wetenschappers van Stanford stellen dat autisme geen genetisch toeval is, maar een bijeffect van de snelle evolutie van L2/3 IT-neuronen in de mens. Hoewel het onderzoek inzicht biedt in de oorsprong van autisme, roept het ook ethische vragen op, vooral over de impact van genetische modificatie op menselijke diversiteit en unieke bijdragen van autistische mensen.