Op 2 april was het Wereld Autisme Dag. ’s Avonds nam ik deel van een paar rondetafelgesprekken (aan een vierkanten tafel) en herinnerde ik me Meester Frank, leerkracht van het vijfde lager onderwijs. Een autist-avant-la-lettre in de tijd van vroeger. In deze blog enkele herinneringen aan hem en enkele bedenkingen van de boeiende maar vermoeiende avond, zoals het autistisch leven dus.
In haar boek Autisme en Spiritualiteit gaat Olga Bogdashina in op intrigerende aspecten van spiritualiteit, religie, Zelf, identiteitsvorming en ontwikkeling van bewustzijn. Vooral het ontwikkelingsmodel dat ze daarin voorstelt is intrigerend. Ze wijst daarop onder andere op een andere identiteitsvorming bij mensen met en zonder autisme. In deze blogpost probeer ik er dieper op in te gaan.
Citaat van Peter Vermeulen en Steven Degrieck (Autisme Centraal) in ‘Mijn kind heeft autisme: gids voor ouders, leerkrachten en hulpverleners’ (Lanno, 2014) rond twee kritieken rond diagnosestelling autisme.
Tekst rond verlies van geduld naar maatschappelijk inpassen. Geïnspireerd door ‘Patience’ van de Portugese life & motivational coach José Micard Teixeira (ook op een poster toegeschreven aan de actrice Meryl Streep)
Recensie van Methodiek voorkomen van overprikkeling / Barbara De Leeuw (Praktisch Autisme) (SWP, 2015). 125 blz, 19.90 euro. (ISBN 978-90-8850-5317). De centrale idee in ‘Overprikkeling voorkomen’ is dat je door het leren herkennen van de prikkels waarvoor je gevoelig bent, en de symptomen die een naderende overprikkeling aanduiden, de problemen die dit met zich mee kan brengen (voor jezelf, voor je omgeving) kan voorkomen.
Anita (25) schrijft: Onlangs heb ik in een intelligentie-verslag afgelegd. Ik kreeg te horen dat ik een IQ van 125 heb. Betekent dit dan dat ik hoogbegaafd ben? Heeft dit iets te maken met mijn autisme? En kan mijn intelligentie nog stijgen of alleen maar dalen? Een poging om een antwoord te geven.
Naast een negatief zelfbeeld blijkt depressie bij mensen met autisme een vaak voorkomende last. Exacte cijfers bestaan er niet, maar men schat dat 20 tot 30% van de mensen met autisme een bijkomende (vorm van) depressie hebben. Cijfers om voorzichtig mee te zijn, want overschat én onderschat tegelijk. Hoewel in elk geval hoger dan het gemiddelde bij de bevolking.
Wat is depressie precies, hoe komt het voor bij mensen met autisme, wat is het verschil tussen depressief gedrag en autisme? Wat zijn de oorzaken (biologisch, psychologisch, sociaal)? En wat kunnen we eraan doen (als omgeving, als depressieve persoon)? Door wie kunnen we ons laten begeleiden, en moet het altijd met pillen? En kan een depressie ook positief zijn? Deze en andere vragen komen aan bod in deze neerslag van notities bij de lezing van mevrouw Sylvie Carrette (psychologe, Autisme Centraal) voor de VVA-regio Oostkamp.
Het zogenaamde januari-gevoel is er niet een van voldragen enthousiasme, eerder een weerspiegeling van het weer en al te veel onmogelijk te realiseren goede voornemens. Maar een geluk bij een ongeluk, het eindigt. Meer bepaald op de eerste februari.