Norah (23) mailt me met een vraag in het kader van haar opleiding orthopedagogie. Wat als je morgen niet meer kunt doen wat je vandaag goed kan? Heb je dan een plan B? Staat je autisme je in de weg of helpt het je (bv omdat je minder vast zou hangen aan sociale conventies) om een radicale ommezwaai te nemen of een volledig nieuw pad in te slaan? In deze blog probeer ik daarop een antwoord te geven vanuit mijn eigen ervaringen. Voor iemand anders met autisme kan dit uiteraard heel anders zijn.
Morgen is Wereldknuffeldag. Erg veel belang hecht ik er niet aan, maar het is een mooie aanleiding om iets te schrijven over knuffelen, knuffels, lichamelijke toenadering, en bepaalde dingen die daarin belangrijk zijn voor mij. Zoals iemands aankleding, parfum, toenadering en vertrouwen.
Fragment van Jason Horsley in ‘Seen and Not Seen: Confessions of a movie-autist’ (John Hunt Publishing, 2015) waarbij de auteur over zichzelf schrijft hoe hij op veertig zijn vrouw met autisme heeft leren kennen en hoe hij dankzij haar zichzelf van zijn autisme is bewust geworden, en wat dat inhoudt.
Fragment van Holly Bridges in ‘Reframe your thinking around autism: how the polyvagal theory and brain plasticity help us make sense of autism (Jessica Kingsley, 2015) of hoe we autisme kunnen herbekijken in een positiever daglicht, als een ander bewustzijn, en andere manier om het leven te bezien.
Als je jezelf wil ontladen, wat doe je dan? Een wandeling aan zee, in afzondering gaan, iets nieuws leren, geïnspireerd raken, knuffelen met mijn vriendin … een overzichtje van antwoorden op die vraag die ik tijdens voordrachten wel eens gesteld krijg.
Zolang ik al leef, heb ik de indruk dat in deze samenleving woorden die verwijzen naar lichaamsdelen overheersen. In het bijzonder wanneer mensen willen verwijzen aan werkpunten of defecten. Wie niet goed is in ellebogenwerk, steeds de vinger (te sterk) op de wonde legt of het hart op de (soms te scherpe) tong heeft liggen, heeft het duidelijk niet gemakkelijk in onze samenleving. Erkend of bot? De mate waarin we fingerspitzengefühl hebben, bepaalt volgens mij sterk hoe we in de samenleving staan. Of we erkend, gewaardeerd, verstaan worden. Of toch… Read more Fingerspitzengefühl →
De onzichtbare autist gaat over het hoofd, communicatie, elasticiteit en (on)veranderbaarheid van (kunstzinnige en magere) autisten van middelbare leeftijd. De onzichtbare autist is een baanbrekend werkje van L. Kruiker en collega H. Schorseneerder, uitgegeven door de legendarische Schipper Landschip. Het standaardwerk wordt onder andere verspreid door de Vlaamse Vereniging autisme en tal van andere organisaties rond autisme.
Ons lichaam schreeuwt om contact met de ander, maar wanneer er contact is, doen pijn en verwarring ons terugdeinzen. Ik heb 25 jaar nodig gehad om iemand de hand te kunnen schudden en recht in de ogen te kijken. Temple Grandin