‘Te complex’: complexiteit als argument en label … autisme en samenleven

Een miniatuurlabyrint met een persoon in het midden en andere figuren die zich door de gangen bewegen.
(c) Sam Peeters, Tistje.com

Het woord ‘complex’ kom ik in mijn leven bijna overal tegen. Volgens het woordenboek betekent het ‘ingewikkeld’ of ‘samengesteld’, maar in mijn leven voelt het veel persoonlijker en allesomvattend. Ik ben complex, volgens anderen. Mijn denken is complex, mijn sociale interacties zijn complex, mijn medisch en administratief dossier is complex. Maar wat betekent dat eigenlijk voor mij? En hoe beïnvloedt dit mijn dagelijks leven? Hoe wordt het woord gebruikt – of misbruikt – en wat zegt dat over hoe de wereld naar mij kijkt?

Sociale Complexiteit – ‘Je Bent Moeilijk te Doorgronden’

Gesprekken voelen voor mij vaak als doolhoven zonder duidelijke route. Terwijl anderen moeiteloos een gesprek lijken te voeren, ben ik bezig met het ontcijferen van subtiele signalen die voor hen vanzelfsprekend lijken. Ironisch genoeg word ik soms juist als ‘te complex’ bestempeld, terwijl ik simpelweg probeer de complexiteit van anderen probeer te begrijpen en hoe ik op een manier moet reageren om anderen tegemoet te komen. Dit label zorgt ervoor dat ik soms sneller word buitengesloten of als ‘moeilijk’ word gezien. Het is vaak frustrerend om als ingewikkeld te worden ervaren, terwijl ik anderen ontzettend complex ervaar en ik net helderheid, medeleven en directheid nastreef.

Bovendien lijkt het alsof de gewoonste zaak van de wereld is voor iedereen om alles ‘tussen de regels door’ te begrijpen. Non-verbale communicatie, verborgen sociale codes en impliciete verwachtingen: ze maken sociale interacties een mijnenveld voor mij. Mensen denken dat ik te veel analyseer, terwijl ik gewoon probeer te begrijpen hoe ik me correct, zonder anderen te kwetsen, liefdevol, met mededogen, moet gedragen. En omdat ik sociale nuances niet altijd goed inschat, kan dat wel eens leiden tot misverstanden en afstand. Ik heb ook de gewoonte eerder niets dan iets te zeggen, zeker als ik niet zeker ben van de waarde van mijn woorden.

Een voorbeeld hiervan is wanneer ik in een groepsgesprek probeer bij te dragen. Ik denk na over wat ik wil zeggen, wacht op een geschikt moment en begin te spreken – maar dan blijkt dat het gesprek alweer een andere richting heeft genomen. Anderen lijken moeiteloos mee te bewegen, terwijl ik vast blijf zitten in de eerdere context. Hierdoor kom ik soms ‘out of sync’ over, alsof ik niet goed mee kan komen, terwijl ik juist zorgvuldig probeer te navigeren.

Ook in vriendschappen en andere relaties wordt deze complexiteit zichtbaar. Wanneer iemand bijvoorbeeld vage hints geeft dat ze ergens behoefte aan hebben, maar dit niet expliciet benoemt, kan het zijn dat ik dat niet oppik. Dit wordt dan geïnterpreteerd als een gebrek aan empathie of interesse, terwijl ik juist heel graag wil helpen – ik begrijp alleen de onuitgesproken boodschap niet altijd. Dat leidt soms tot frustratie bij de ander en onbegrip bij mij, waardoor relaties onder druk kunnen komen te staan.

Nog een veelvoorkomende situatie is in werkomgevingen, waar subtiele sociale omgang vaak doorslaggevend is voor succes. Tijdens een vergadering probeer ik mijn gedachten helder te verwoorden, maar mijn directe stijl wordt soms als ‘te stellig’ of ‘ongepast’ ervaren. Ik hou het eenvoudig, zeg wat ik denk en voer uit wat ik heb beloofd, maar dat is vaak te complex. Terwijl ik denk dat ik constructieve feedback geef, blijkt later dat mijn toon als confronterend of polemisch werd opgevat. Dit soort onvoorziene reacties zorgen ervoor dat ik me steeds bewuster word van hoe ik overkom, wat weer extra mentale energie kost.

De Overweldigende Complexiteit van Prikkels

Mijn zintuigen nemen de wereld intens waar. Waar een ander misschien een gezellig café ervaart, voor zover gezellig van toepassing is op cafés, word ik overrompeld door het geroezemoes, de achtergrondmuziek, het licht en een complexe mengelmoes van (on)aangename geuren. Mijn brein checkt voortdurend wat klopt en niet klopt, wat belangrijk is en wat niet, maar raakt er niet aan uit, omdat alles tegelijk binnenkomt. Dit maakt de eenvoudigste uitjes soms een uitputtingsslag. Anderen zien het misschien als ‘aanstellerij’, maar voor mij is het een constante uitdaging om me staande te houden met een voortdurend controlerend brein in een wereld vol onvoorspelbare prikkels.

Daarnaast is er de uitputting die komt kijken bij het constant ingaan op zich aanbiedende toevalligheden. Terwijl de meeste andere mensen onbewust lijken te navigeren door hindernissen die plots op hen afstevenen, werkt mijn brein grotendeels bewust, in het bedenken, evalueren en toepassen van strategieën, in het vermijden en kiezen voor passende ruimtes, welke bril (kijkbril, leesbril, zonnebril) ik ga dragen, of ik kies voor oordopjes of de noise-cancelling koptelefoon, en in welke mate en wanneer ik hersteltijd zal inplannen na sociale contacten zonder te weten welke impact die zullen hebben. Dit alles vraagt een complex energiemanagement en dito (al dan niet gevisualiseerd) planningssysteem – iets waar de meeste mensen niet eens bij stilstaan.

Mijn Medische Dossier – ‘Een Complex Geval’

Voor ondersteuners en woonbegeleiders ben ik vaak niet zomaar een patiënt; ik ben een ‘complex geval’. Er is altijd iets ‘ingewikkeld’ aan mij. Dat klinkt zwaar, maar betekent in de praktijk dat veel professionals niet goed weten wat ze met mij aan moeten. Intakes voor hulpverlening draaien vaak uit op doorverwijzingen of misverstanden.

Mijn specifieke noden vallen bijna steeds buiten de standaardprocedures, waardoor ik soms het gevoel heb dat ik niet de zorg krijg die ik nodig heb. Ze vereisen verder onderzoek, medische beeldvorming (CT, MRI/NMR, RX, SPECT, Echo/Ultrasound, Fluoroscopie, DEXA, EEG, Cold-beam, Endoscopie, Colonoscopie, …) of een van de vele soorten psychologisch onderzoek.

Dat maakt het zoeken naar passende hulp frustrerend en vermoeiend. Bovendien kom ik van een schijnbaar eenvoudig  opvolgingsgesprek bij een specialist in een algemeen ziekenhuis vaak buiten met een pak doorverwijzingsbrieven, afspraken voor onderzoeken en (geloof het of niet) een paar DSM-diagnoses bij. Zonder dat dit specialist enige band heeft met de GGZ of psychiatrische hulpverlening. Ik lees dat dan meestal lang nadien, in het verslag dat ik kan inkijken in mijn intussen dik digitaal medisch dossier. Als ik dat dossier vervolgens download, in pdf, via een van de vele AI-toepassingen laat analyseren, komt daar gegarandeerd uit dat het verslag ’te complex’ is om te schrijven.

Het label ‘complex’ lijkt in mijn ervaring in de medische wereld ook vaak gebruikt als een excuus om mij door of rond te schuiven, tussen verschillende zorgentiteiten, zorgpaden, specialismen of echelons, alles om geen pasklare oplossing te hoeven vinden.

Maar complex is volgens mij geen synoniem voor onmogelijk. Waarom zou ik anders een specialist in een ziekenhuis of in de privé-praktijk raadplegen? Mocht het minder complex zijn, zou ik het ofwel zelf al opgelost hebben, zou het al opgelost zijn vanzelf of zou ik bij de huisarts of apotheek aangeklopt hebben. Nee, complex betekent voor mij dat ik maatwerk nodig heb, een kijk buiten de hokjes en geen standaardaanpak. En toch voelt het steeds vaker alsof ik, zelfs voor de eenvoudigste consultatie, moet vechten om gehoord te worden.

Afwijzing in Liefde en Werk – ‘Te Complex voor een Relatie of een Baan?’

Ook in relaties, in liefde en werk, voor zover liefde geen werk is, en werk geen vorm van liefde, heb ik vaak gehoord dat ik ‘moeilijk te doorgronden’., onpeilbaar ben.

Dating voelde voor mij als een mijnenveld vol ongeschreven regels die voor mij niet vanzelfsprekend zijn. Waar anderen intuïtief flirten en connecties maken, probeer ik de sociale codes te begrijpen en raak ik soms verstrikt in misverstanden. Ik moet loslaten, wordt mij gezegd, maar eenmaal ik dat doe, loopt het al snel op een total-loss uit. Met andere woorden, mijn directheid wordt niet altijd gewaardeerd, en ik ben soms te eerlijk in een wereld waarin charme en vage antwoorden vaak de norm zijn. De kunst om iets met ogenschijnlijk gemak te doen, zelfs als er veel vaardigheid en oefening voor nodig is, sprezzatura zeg maar, is mij helaas niet gegeven. Anderzijds weet je wel wat je aan mij hebt … en wat ik echt vind over je vraag of ik je gat niet te dik vind in je rok. Om maar iets te zeggen.

In sollicitatiegesprekken merk ik hetzelfde: mijn directheid of atypische manier van denken wordt niet altijd begrepen. ‘Je bent een interessante kandidaat, maar we zoeken iemand die beter in het team past’, betekent vaak gewoon dat ik ‘te complex’ word gevonden. Of ‘je bent te complex voor onze bedrijfscultuur’.  Het is pijnlijk om niet op waarde te worden geschat, simpelweg omdat ik anders functioneer dan de norm.

De Noodzaak van Overzicht in de Complexiteit van het Dagelijks Leven

Ik hou van veel en heb een rijk verbeeldingsleven maar des te meer hou ik van duidelijkheid, voorspelbaarheid en overzicht. Dat is niet de natuurlijke gang van zaken, heb ik al gemerkt. Plotselinge wijzigingen in plannen zijn schering en inslag maar kunnen me toch wel eens uit balans brengen. Ik heb gewoontes en routines die me helpen grip te krijgen op mijn leven, maar af en toe spring ik wel eens uit de band. Het is niet dat alles wat verandert mijn dynamiek verstoort maar wel wat bij mij stress veroorzaakt. Mensen begrijpen dit niet altijd en vinden dat ik ‘flexibeler’ zou moeten zijn. ‘Het leven is nu eenmaal zo’, merken ze op. Maar voor mij is overzicht en weten waar ik aan toe ben geen luxe, het is een noodzaak. Zonder houvast in mijn dagen kan ik zowel in bed blijven of achter mijn computer, anders raak ik overweldigd en verlies ik mijn motivatie om te leven.

Soms kunnen zelfs kleine verstoringen een kettingreactie veroorzaken in mijn dynamiek. Daarom plan ik mijn dagen zorgvuldig,  met een gezonde afwisseling van spanning en ontspanning, van inspanning en herstel, van uitdaging en waar ik goed in ben, om mijn mentale batterij duurzaam te gebruiken. Dit wordt niet altijd begrepen door de buitenwereld, maar voor mij is het een essentiële manier om mijn energie te beheren.

Het Misbruik van ‘Complex’ – Een Gemakkelijke Uitvlucht

De autistische onderzoeker Damian Milton beschreef het treffend: “Als je mij niet verstaat noem je mij maar complex – daarmee schuif je de verantwoordelijkheid naar mij af, en treft er jou geen enkele schuld”. Dit vrij vertaalde citaat vat perfect samen hoe het woord ‘complex’ vaak wordt gebruikt als een manier om verantwoordelijkheid te verschuiven.

Als iemand mij ‘te complex’ (of te saai) vindt, betekent dat vaak dat ze niet de moeite willen nemen om mijn perspectief te begrijpen. Het voelt alsof ik steeds moet bewijzen dat ik het waard ben om gehoord en geholpen te worden. In plaats van als een mens met unieke behoeften te worden gezien, wordt mijn hele bestaan soms gereduceerd tot een uitdaging waar men liever omheen loopt.

Dit soort taalgebruik kan schadelijk zijn. Het plaatst de last bij mij, in plaats van bij de omgeving of de persoon die mij probeert te begrijpen. ‘Complex’ wordt dan een excuus om geen aanpassingen te hoeven maken, geen extra moeite te doen en niet buiten de gebaande paden te denken.

Hoe Ik Leer Omgaan met Complexiteit

Eerder dan de verantwoordelijkheid op de samenleving of anderen af te schuiven, en in dezelfde gewoonten als mijn omgeving te vervallen, vind ik het mijn taak om creatief te leren omgaan met complexiteit. Intussen heb ik al een hele hoop middelen, trucjes, strategieën en oplossingen gevonden die mij als gegoten zitten in mijn reis door de jungle van het leven. Die zijn niet zozeer gefocust op noise-cancelling koptelefoons, stille ruimtes of vermijden van uitdagingen, maar omvatten onder andere  duidelijke overzichtsschema’s, afwegen van energie investeren en oogsten, de juiste omgevingen opzoeken en tijd voor mezelf na sociale interacties – en steeds blijven evolueren.

Ook zelfacceptatie helpt: ik weet dat ik niet complexer ben dan anderen en overigens hoef ik ook niet ‘minder complex’ te worden om waardevol te zijn. Door mijn eigen grenzen te bewaken en bewust te kiezen voor omgevingen waarin ik tot mijn recht kom, kan ik beter omgaan met de uitdagingen die het leven me biedt.

Daarnaast zoek ik naar gemeenschappen waar ik begrepen word. Dat is zeker niet beperkt tot andere autistische volwassenen, neurodivergente kringen of ondersteuningsgroepen, maar kan iedere omgeving zijn waar ik mezelf kan zijn zonder dat mijn complexiteit als een probleem wordt gezien. Dit helpt me om minder het gevoel te hebben dat ik moet ‘aanpassen’ en meer het gevoel dat ik gewoon mag bestaan zoals ik ben.

Om af te ronden: complex als etiket, eretitel en lofbetuiging

‘Complex’ is niet alleen een woord, het is een label, een trefwoord, een eretitel, een etiket, een lofbetuiging dat op mij wordt gegeven in bijna elk aspect van mijn leven. Soms met begrip, maar vaak met onbegrip of afwijzing. Toch probeer ik niet langer te vechten tegen mijn complexiteit, maar deze te omarmen. Want als er één ding zeker is, dan is het dat mijn manier van denken, voelen en leven niet minder waard is dan die van een ander – zelfs als het soms ingewikkeld lijkt.

Geef een reactie