10 praktische tips naar werk geïnspireerd door ‘Autisme, het werkt!’ … autisme en werk

Autisme en werk: het blijft voor velen een mijnenveld van misverstanden, maskergedrag, burn-outs en gefrustreerde goede bedoelingen. En toch: er is hoop. De inspiratiegids Autisme, het werkt! (Sterkmakers in Autisme, 2024) biedt geen toverstaf, maar wél een reeks lessen die de moeite waard zijn – ook al zijn ze niet altijd even comfortabel. Hieronder bundel ik er tien. Niet als absolute waarheden, maar als hanteerbare inzichten. Uit ervaring. Uit de praktijk. En met het hoofd koel.
🧠 1. Autistische breinen denken absoluut – en dat is niet altijd een probleem
De publicatie maakt helder: autistische breinen verwerken informatie minder contextgevoelig. Niet omdat ze dat niet willen, maar omdat ze de wereld anders waarnemen. De metafoor van het verkeerslicht – waarbij niet-autistische breinen intuïtief ‘voorspellen’ – toont hoe hard het verschil in predictief vermogen kan botsen met de sociale vaagtaal van werkplekken. Wat voor anderen vanzelf spreekt (een ‘gepaste’ opmerking, een ‘logische’ taakovername), blijft voor velen met autisme radicaal onduidelijk.
Autisme wordt vaak geassocieerd met ‘rigiditeit’. Maar achter dat woord schuilt iets anders: de behoefte aan duidelijkheid, voorspelbaarheid en logica. Autistische breinen denken precies. Niet ‘te letterlijk’, maar gewoon… consequent. Dat denken botst vooral als de wereld zélf grillig, vaag of sociaal arbitrair is. Absoluut denken is niet defect. Het is anders. En vaak bruikbaar.
🧩 Concrete tip: Wees mild voor je behoefte aan structuur. Het is geen zwakte, maar een vorm van grip. Als autisme fundamenteel over onzekerheid en verwarring gaat, dan is helderheid geen gunst, maar een recht. In een samenleving die verwarring normaliseert als ‘flexibiliteit’, hebben wij nood aan werkcontexten die expliciet zijn, voorspelbaar en betrouwbaar.
🧩 2. Eén vorm van autisme op het werk bestaat niet
De publicatie maakt terecht brandhout van het idee dat er zoiets bestaat als ‘de’ autist op de werkvloer. De verhalen van W., L. en Ben laten zien hoe verschillend autisme zich vertaalt in werkbeleving: van universitaire loopbaan tot vrijwilligerswerk, van overprikkeling door pendelverkeer tot de nood aan strakke routines. Het zijn geen variaties binnen één profiel – het zijn totaal verschillende realiteiten.Er is geen universele handleiding. Sommige mensen floreren met thuiswerk, anderen missen collegiaal contact. De ene wil een taak zonder afleiding, de andere heeft juist afwisseling nodig. Wat voor jou werkt, werkt niet per se voor een ander – en omgekeerd.
🧩 Concrete tip: Durf jouw manier van werken bespreekbaar te maken – ook als die afwijkt van de standaard. Het spectrum is geen gradatie van ‘zwaar’ naar ‘licht’, maar een caleidoscoop van behoeften, voorkeuren en drempels. Een werkvloer die ruimte wil maken voor autisme, moet beginnen met luisteren – niet standaardiseren.
👂 3. Vraag gewoon wat écht werkt
De beste manier om autistische noden te begrijpen, is… vragen stellen. Geen invuloefening van buitenstaanders, geen ‘autisme-experts’ die jou beter denken te kennen dan jijzelf. Wel open communicatie. Eerlijk. Zonder oordeel. En mét bereidheid tot aanpassing. In tegenstelling tot veel andere werkpublicaties laat Autisme, het werkt! vooral autistische mensen zelf aan het woord. Dat is niet alleen verfrissend, het is essentieel. Want wie niet bevraagd wordt, wordt ingedeeld. En wie niet gehoord wordt, wordt gecorrigeerd. Vragen naar wat werkt is geen eenmalige stap, maar een voortdurende dialoog.
🧩 Concrete tip: Wacht niet op toestemming om je noden te benoemen. Wél op een plek waar luisteren normaal is. Laat je stem niet kapen door ‘betere’ vertolkers. Blijf benoemen wat werkt voor jou – ook als dat tegen verwachtingen ingaat. En laat organisaties verantwoordelijkheid nemen om blijvend te luisteren.
🧭 4. Vrijwilligerswerk is ook werk
Niet elk traject moet naar de reguliere arbeidsmarkt leiden. Vrijwilligerswerk is niet slechts een opstapje naar ‘echt werk’, het is ‘echt werk’, ook al ligt dat bij sommige organisaties moeilijk. Vrijwilligerswerk is een volwaardig alternatief voor wie arbeid niet alleen in economische termen wil zien. Het biedt ruimte voor authenticiteit, pauze en ritme – zonder de gesel van prestatie.
🧩 Concrete tip: Als je in vast werk telkens crasht, overweeg dan begeleid werk of vrijwilligerswerk als herstart.
⚙️ 5. Jobcoaching werkt – als ze mensgericht is
Een goede jobcoach denkt niet in stappenplannen, maar in mensen, en verder dan individuele ondersteuning. Die kijkt mee naar energiebalans, sensorische belasting, sociale druk. En die beseft dat ook de werkgever moet meebewegen. Niet jij alleen.
🧩 Concrete tip: Vraag ondersteuning bij een organisatie die autisme echt snapt – niet alleen op papier. Coaching die het hele systeem meeneemt (planning, communicatie, teamdynamiek) heeft meer kans op slagen dan interventies die enkel de werknemer ‘trainen’. Laat coaching dus ook de werkvloer zelf veranderen
🧍♂️ 6. Autistische burn-out is écht
Te lang ‘je best doen’ in een wereld die niet werkt voor jou, eist zijn tol. De getuigenis van W. is pijnlijk herkenbaar: langdurige overbelasting, goedbedoeld maskeren, en uiteindelijk een crash waar hij vier jaar later nog van herstelt. Zijn ervaring toont: burn-out is geen persoonlijke tekortkoming, maar een structurele mismatch tussen noden en omgeving Maskeren, compenseren, camoufleren: dat hou je geen leven lang vol. En vaak merk je pas te laat dat je over je grenzen bent gegaan. Autistische burn-out is geen zwaktebod. Het is een noodsignaal.
🧩 Concrete tip: Leer je eigen waarschuwingssignalen kennen. Niet alleen mentaal, maar ook fysiek. Herstel vraagt niet alleen rust, maar ook de moed om nee te zeggen tegen wat je kapotmaakt. Burn-out is een teken van overlevingsintelligentie – niet van falen.
🛠 7. Kleine aanpassingen maken groot verschil
Een vaste plek. Een voorspelbaar schema. Visuele info in plaats van mondelinge chaos. Prikkelarme ruimtes. Geen sociaal verplicht lunchmoment. Geen extra kosten, wél grote impact. Wat klein lijkt voor een ander, kan voor jou het verschil maken tussen functioneren en uitvallen. De publicatie staat tsjokvol voorbeelden van kleine ingrepen die een wereld van verschil maken. Ze zijn niet duur. Niet complex. Maar ze veronderstellen wél dat iemand geluisterd heeft en blijft luisteren.
🧩 Concrete tip: Maak een lijst van concrete aanpassingen die jou helpen – en oefen in het benoemen ervan.
🧑💼 8. Een diagnose delen? Jouw keuze
Je bent niet verplicht om je diagnose op tafel te gooien. Maar het kán soms helpen om uit te leggen wat je nodig hebt. Doe het op jouw moment. En op jouw voorwaarden. Je bent niet verplicht je te verklaren – maar je mag het wel doen, als dat iets opent. De vraag of je je diagnose moet delen, blijft complex. Autisme, het werkt! erkent dat eerlijk. Zichtbaarheid kan deuren openen – of muren optrekken. Soms helpt het om open te zijn, soms is camouflage veiliger. Beide keuzes zijn legitiem. Wat telt, is dat jij beslist.
🧩 Concrete tip: Oefen vooraf hoe je jouw diagnose (of noden) uitlegt in een werksituatie. Kort, helder, veilig. Je hoeft je nooit te verantwoorden voor je stilte. En evenmin voor je openheid. Maar laat je keuze nooit gijzelen door schuld, schaamte of druk.
🧪 9. Maak je eigen ruimte
Soms is de omgeving zó structureel ongeschikt, dat aanpassen geen zin meer heeft. Dan is het tijd voor iets anders. Ga op zoek naar ervaringen van wie het anders aanpakt en wees geïnspireerd. Geen integratie in een gebrekkig systeem – maar ga op zoek naar een alternatief dat wél werkt.
🧩 Concrete tip: Zoek (of bouw mee aan) een werkplek die van meet af aan rekening houdt met wie jij bent. Niet alles hoeft via de voordeur van de mainstream. Wie zelf iets bouwt, hoeft niet meer om toestemming te vragen.
🧾 10. Inclusie is geen gunst
Je hoeft niet dankbaar te zijn dat je ‘mee mag doen’. Jij levert werk. Jij brengt kwaliteit. Jij verdient een werkvloer waar je niet op je tenen hoeft te lopen. Inclusie is geen liefdadigheid. Het is rechtvaardigheid. En ook gewoon: goed personeelsbeleid. Inclusief werken is geen kwestie van goede wil, maar van doordachte keuzes. Werknemers met autisme brengen waarde, maar alleen als die waarde ruimte krijgt. Wat daarvoor nodig is? Geen applaus. Wel aanpassing. Geen ‘heldenverhalen’, maar eerlijk werk.
🧩 Concrete tip: Laat je niet in de schuld duwen, maar wees ook constructief kritisch tegenover jezelf. Jij bent de meerwaarde – mits de context klopt. Je bent niet dankbaar dat je ‘mee mag doen’. Jij bent waardevol. De vraag is of de wereld daar klaar voor is – en zo niet, wat jij nodig hebt om er tóch te zijn.
Tot slot
Wat je uit deze gids haalt, hangt af van je positie. Werkzoekend, werkend, uitgeput, hoopvol, verbeten, teruggetrokken. Wat blijft: deze lessen nodigen uit tot eerlijkheid. Naar jezelf, en naar je werkomgeving. En vooral: ze normaliseren dat werk geen zelfvernietiging hoeft te zijn.
Werk is nooit neutraal. Het is een weerspiegeling van hoe een samenleving met haar mensen omgaat. Als je het gevoel hebt dat je werk je voortdurend onder druk zet, afstompt of uitput, dan is dat geen persoonlijk probleem. Dan is dat een uitnodiging om het systeem in vraag te stellen.
Wat werkt voor jou? Wat wil jij van werk? Wat mag werk jou kosten – en wat niet meer?1
🧭 Misschien is dat wel de belangrijkste les uit dit boek: dat je recht hebt op werk dat bij jou past. Niet omdat je moet meedraaien, maar omdat je méé telt.
Wil je nog meer praktijklessen, ervaringen of tools rond autisme en werk? Kijk dan op www.tistje.com bij het thema “Werk” of stuur me je vragen, aanvullingen of eigen verhalen. Want wat werkt, mogen we samen blijven uitzoeken.