Het moment waarop ik ontdekte dat plannen soms overschat zijn … autisme en plannen

(c) Sam Peeters, 2026

Er is een moment in elk creatief proces waarop je beseft dat je eigenlijk geen flauw idee hebt wat je aan het doen bent. Bij sommigen komt dat na drie pagina’s, bij anderen na drie jaar. Bij mij kwam het op een dinsdagochtend, ergens tussen het openen van mijn mailbox en het sluiten ervan zonder iets te beantwoorden.

Ik had mezelf wijsgemaakt dat ik een boek aan het schrijven was. Een Ć©cht boek, met hoofdstukken en thema’s en een soort van rode draad die niet alleen in mijn hoofd bestond. Maar toen ik mijn notities herlas, merkte ik dat de rode draad eerder een rood kluwen was. Zo’n bol wol waar een kat een nacht lang mee heeft gespeeld. En dan nog een hyperactieve kat, eentje die te veel Friskies heeft gegeten.

De illusie van structuur

Ik had een schema gemaakt. Natuurlijk had ik een schema gemaakt. Dat doe je wanneer je niet weet waar je naartoe gaat: je tekent een kaart en hoopt dat niemand merkt dat de helft van de straten verzonnen zijn.

  • Hoofdstuk 1: Introductie (check, soort van)
  • Hoofdstuk 2: De zoektocht naar richting
  • Hoofdstuk 3: Iets met groei, of verandering, of een metafoor met een plant
  • Hoofdstuk 4: Conclusie die alles mooi samenbrengt

Het probleem was dat ik al bij hoofdstuk 2 vastzat. Niet omdat ik niets te vertellen had, maar omdat ik te veel te vertellen had. Mijn hoofd is een soort kringwinkel: vol spullen die ooit nuttig leken, maar waarvan je niet meer weet waarom je ze hebt bijgehouden.

De wandeling die alles (niet) oploste

Dus ging ik wandelen. Dat is wat mensen doen wanneer ze vastzitten: ze gaan wandelen en hopen dat de natuur hen een antwoord influistert. De natuur zweeg. De natuur had duidelijk betere dingen te doen.

Ik passeerde een veld waar een tractor in de verte reed. De man achter het stuur wist tenminste wat hij moest doen. Zijn lijnen waren recht. Zijn doel was duidelijk. Ik voelde me even jaloers op die man en zijn tractor. Tot ik besefte dat hij waarschijnlijk jaloers zou zijn op iemand die binnen zit met koffie en een laptop. Zo werkt het leven: iedereen denkt dat de ander het beter heeft.

De conclusie die geen conclusie is

Toen ik thuiskwam, had ik geen oplossing. Geen wending. Geen plotselinge, wonderlijke openbaring. Alleen het besef dat het misschien okĆ© is om niet te weten waar het naartoe gaat. Dat een boek — zeker een boek dat nooit geschreven zal worden — niet moet voldoen aan verwachtingen die niemand gesteld heeft.

Misschien is dat de kern van deze tekst: dat richting overschat is. Dat je soms gewoon moet beginnen, blijven bewegen, en hopen dat je onderweg iets vindt dat de moeite waard is.

En als dat niet gebeurt? Dan heb je tenminste gewandeld.

1 Comment »

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *