Over ‘warme’ en ‘koude’ mensen met autisme …

dilemma

Mensen met autisme mag je niet meteen autist of autistisch noemen, titelt een artikel in de Duitse krant Frankfurter Allgemeine van vorige woensdag (4 mei 2015, Autist is nicht gleich Autist / Niklas Zaboji). Wat doorgaans als autist(isch) wordt benoemd, zou volgens de krant per individu verschillen, en voor een bepaald deel eerder een teken zijn van alexithymie. De auteur van het artikel verwijst daarvoor naar resultaten van een studie rond gevoelsarmoede en sociaal-cognitieve vaardigheden bij mensen met autisme door Oostenrijkse en Italiaanse onderzoekers.

Als mensen met autisme niet meteen als ‘autistisch’ worden gezien, betekent dat volgens de Duitse krant voornamelijk dat ze niet beantwoorden aan bepaalde ideeën die de meeste mensen over autisme (zouden) hebben. Mensen met autisme worden zelden als ‘warm’ gezien, eerder als kil of afwijzend.  Meer zelfs … egoïstisch zijn, gevoelsarm, zich beperkt kunnen inleven, koel en berekend beslissingen nemen … het zijn voor heel wat mensen maatstaven om iemands autisme al dan niet te (h)erkennen. Dat is meestal als gevolg van hun oppervlakkige kennis (verkregen uit bedenkelijke bronnen). Mensen met autisme die berekend en koel, geen woorden voor hun emoties vinden of emotioneel beperkt zijn bestaan weliswaar, maar er bestaan ook veel verschillende andere mensen met autisme. Bijvoorbeeld mensen met autisme die op buitengewone wijze inleven en alles behalve berekend of koel zijn.

Bovengenoemde onderzoekers wilden in hun studie vooral weten wat het morele gedrag van mensen met autisme bepaalt, en of er bij hen verschillende eigenschappen in contrast staan met elkaar. In het onderzoek werden 17 mensen met en 17 mensen zonder autisme een aantal morele dilemma’s voorgelegd. Een moreel dilemma is een situatie waarin twee morele principes in strijd zijn met elkaar, zoals ‘berokken geen schade aan anderen’ tegenover ‘handel op zo’n wijze dat het grootst aantal mensen beter wordt’. Een voorbeeld is de vraag of je één mens laat sterven als je daarmee vijf anderen kan laten blijven leven. Bij deze morele dilemma’s werden de deelnemers bovendien gevraagd of ze dit zich kunnen voorstellen en hoe emotioneel aangrijpend dat beeld was. Dit zou de onderzoekers een betere begrip geven over de vaardigheden van mensen met autisme om morele oordelen te vellen.

De onderzoekers stelden zich bovendien de vraag of de volwassenen met autisme op dezelfde manier als de niet-autisten afwegingen zouden maken. Of zouden ze niet kunnen beslissen, beginnen discussiëren over details of misschien zelfs de methode beginnen aanvechten?

Uit het onderzoek blijkt alvast dat volwassenen met autisme op dezelfde manier als mensen zonder autisme morele beslissingen treffen, maar dat niet-verbale intelligentie dient als compensatie, en dat mensen met autisme in bepaalde mate in staat zijn kennis te verwerven over de gepastheid van morele oordelen in diverse situaties.

Dat resultaat verraste, is te lezen in het artikel in de Frankfurter Allgemeine. Mensen met autisme zouden immers, stelt de krant, erg stresserende sociale situaties eerder vermijden en doelgerichte beslissingen weigeren. Er zijn weliswaar mensen met autisme die “dergelijk egoïstisch gedrag” stellen volgens de krant, maar dat zijn dan toch vooral mensen die hoofdzakelijk sociaal-cognitieve tekorten vertonen. In andere gevallen, waar mensen met autisme schijnbaar zonder empathie en koeltjes reageren, en doelgerichte maar ook context vreemde beslissingen nemen, zou alexithymie overwegen.

Blijkbaar bevinden zich volgens de onderzoekers bij een groep mensen met autisme twee tegenovergestelde karaktereigenschappen. Die verhouden zich van individu tot individu verschillend. Enerzijds onderscheiden zij het autisme met vooral sociaal-cognitieve beperkingen. Anderzijds zijn er mensen met autisme waarbij de alexithymie overheerst, die vooral moeite hebben om informatie over hun huidige en komende relatie met medemensen te verwerken. In het onderzoek behoort bijna de helft van de mensen met autisme tot de groep met vooral alexithymie, maar dat zou bij andere groepen heel anders kunnen uitvallen volgens de onderzoekers.

Te meer omdat er autisme vastgesteld wordt bij mensen die ook helemaal geen alexithymie hebben. Er zouden volgens de onderzoekers dus mensen zijn met een volledig intact empathisch vermogen, maar die wel andere aanzienlijke beperkingen hebben. In de omgang met mensen met autisme is het één iets voor de onderzoekers duidelijk: zeg niet meteen dat een autist ongevoelig is, of zelfs dat hij of zij volledig ‘autistisch’ is.

Zelf zou ik daaraan willen toevoegen dat onderzoeken als deze, en de vertaling naar een krantenartikel, uiteraard met een korrel zout moeten worden genomen. Heel wat aspecten beïnvloeden onze moreel oordeelsvermogen in dilemma’s, en het risico bestaat al gauw dat iemand die moreel minder goed kan oordelen een label ‘slecht’ of ‘gevaarlijk krijgt opgeplakt. Net zoals iemand die moreel uitzonderlijk goed kan oordelen op een verhoog wordt geplaatst. Ik zou zeggen: probeer iemand met autisme in de eerste plaats vooral als mens te zijn, met een eigen denkstijl, die vaak meer tijd nodig heeft om te oordelen, en probeer vooral te luisteren naar wat hij of zij jou wil duidelijk maken.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.