Het spirituele ontwikkelingsmodel van Olga Bogdashina

In haar boek Autisme en Spiritualiteit gaat Olga Bogdashina in op intrigerende aspecten van spiritualiteit, religie, Zelf, identiteitsvorming en ontwikkeling van bewustzijn. Vooral het ontwikkelingsmodel dat ze daarin voorstelt is intrigerend. Ze wijst daarop onder andere op een andere identiteitsvorming bij mensen met en zonder autisme.

Jammer genoeg is het boek zelf – net als de meeste boeken van Bogdashina – geen voorbeeld van vlotte leesbaarheid. Ik had u graag meer verteld over de inhoud, maar die ging grotendeels, en op de tweede onderstaande besproken delen, de mist in.

Een alternatieve invulling van autisme

Het eerste interessante dat ik heb onthouden is de omschrijving van autisme.

Bogdashina omschrijft autisme als een conditie zowel genetische en/of milieufactoren waarin alle traditionele diagnostische criteria (beperkingen in sociale interacties, communicatie en rigiditeit van gedachten en gedrag) geworteld zijn in verschillende zintuigelijke percepties, zintuiglijke overprikkeling en hypersentiviteit. 

Ze koppelt deze visie op autisme vervolgens aan haar beschrijving van religie & spiritualiteit, en aan de ontwikkeling van het Zelf, identiteit en bewustwording. Ze steunt hierbij volgens zichzelf op de ‘Intense World Theory’.

Autistische mensen ervaren, voelen en herinneren volgens de schrijfster teveel. In haar boek wil ze dan ook, eerder dan vanuit gedrag (wat het er van buiten uitziet), autisme vanuit innerlijke realiteiten (wat het voelt van binnen). In het boek blijkt het verschil echter niet meteen duidelijk.

Het ontwikkelingsmodel rond autisme en spiritualiteit

Wat mij vooral is bijgebleven uit het boek is het ontwikkelingsmodel dat Bogdashina beschrijft, en de link die ze legt tussen film en autisme. Al is ‘film’ hier, voor zover ik heb begrepen, vooral metaforisch, als een beeld, bedoeld. Net zoals het hele boek blijft het wat onduidelijk wat ze ermee bedoelt.

Het ontwikkelingsmodel dat Bogdashina beschrijft, gaat (zoals dat doorgaans het geval is) over de ontwikkeling van het kind tot volwassen, en telt hier zes stadia.

Het eerste ontwikkelingsstadium (3 jaar tot 7 jaar, authentieke spirituele percepties)

Het eerste ontwikkelingsstadium duurt van het derde tot het zevende levensjaar.

Het kind ontwikkelt volgens Bogdashina in die periode verbeelding, daarbij gestimuleerd door verhalen (zoals in films en stripverhalen). Het kind heeft een authentieke ‘spirituele percepties’ maar heeft noch taal noch culturele beeldvorming om deze weer te geven.

De verbeelding van het kind werkt volgens de auteur samen met deze spirituele percepties en gevoelsimpressies om ‘vertrouwensbeelden’ te maken.

Vermits de cultuur verhalen (fantasieverhalen) biedt in deze periode, zijn deze verhalen de kapstokken voor het kind om de anders vormloze percepties en beelden aan te hangen. Dat heeft als gevolg dat het wereldbeeld van het kind gemakkelijk beïnvloed kan worden door de culturele verhalen.

Tweede ontwikkelingsstadium (7 jaar  tot 12 jaar – ontwikkeling zelfbewustzijn)

Dit is de periode waarin het kind zelfbewustzijn ontwikkelt.

Dit zelfbewustzijn gaat volgens de schrijfster hand in hand met het verlies van spirituele percepties naarmate de ervaring van het kind vertaald wordt in culturele beelden, tussen het zevende en het twaalfde levensjaar.

Derde ontwikkelingsstadium (adolescentie tot volwassenheid – de continuïteit begint)

Derde In het derde ontwikkelingsstadium, van de adolescentie tot de volwassenheid, beginnen mensen te verwijzen naar het verleden als een manier om onze ervaring te verstaan en om plannen te maken voor de toekomst.

Dit wordt het begin genoemd van de zogenaamde continuïteit, wanneer het ‘verhaal’ van de identiteit ons bewustzijn overneemt.

Identiteitsvorming bij mensen met en zonder autisme

We zouden volgens Bogdashina onze identiteit aannemen door samen te vallen met een bepaald perspectief waar onze omgeving ons aan appelleert. De meeste mensen nemen dit volgens haar zomaar aan, zonder daar echt kritisch over te reflecteren.

De meesten onder ons hangen, volgens Bogdashina, dus een onbewuste ideologie aan, gebaseerd op culturele beeldvorming die intuïtief het best past bij onze spirituele percepties en ons toestaat sociaal te functioneren.

Zoals een acteur die een film binnenkomt, worden mensen naarmate ze volwassen worden tot een beeld, een veronderstelde rol, een valse identiteit. Films zouden dan ook bestaan om ons er alert op te maken dat elk menselijk bestaan herleid is tot een film, een reeks van bevroren beelden uit het verleden, die constant voor onze ogen spelen, en beweging simuleren die leven moet voorstellen.

Het verschil met mensen met autisme is dat zij niet in dezelfde mate als anderen culturele beeldvorming eigen maken of zich veel minder dan anderen onderwerpen aan een onbewuste ideologie.

Zij spelen dus veel minder tot helemaal niet mee in de film. Hoe ‘hoger’ iemand functioneert, hoe minder bekwaam hij of zij is om de eigenheid te bewaren, en hoe minder authentiek, in de betekenis die Bogdashina eraan geeft.

Eén symptoom daarvan is dat mensen met autisme ertoe neigen zich te overdoen als het gaat om culturele imitatie. Dat is niet zozeer een kwestie van hard je best doen, het betekent als een blinde in de kelder een fles melk halen.

Het betekent echter ook zich overmatig opdirken om in te passen. Zoals Trekkies zich verkleden als Mr Spock om toch maar te laten zien wie ze zijn.. Autisten hebben volgens Olga Bogdashina geen instinctieve imitatie. Ze imiteren de handeling van de imitatie, waardoor ze het subtiel of dramatisch verkeerd doen.

Vierde ontwikkelingsstadium : het verlaten van de groepsgeest

In Autisme en spiritualiteit wordt de vierde fase beschreven als het verlaten van de groepsgeest. Wat betekent dat we de valse culturele identiteit afschudden, uit de film stappen en rond kijken in het theater. Of onze blik afwenden van het scherm en kijken wie er achter de projector zit.

Dit hangt af van hoe we ons bewust worden van een tot dan toe onbewuste ideologie. Het veronderstelt zelfonderzoek te doen, naar wat van onszelf is, onze ervaring goed vertegenwoordigt, en wat ons is opgedrongen afschudden. Dit proces leidt idealiter tot een relatieve autonomie – een cruciale stap naar het ultieme doel van de verlichting.

Vijfde ontwikkelingsstadium: komen tot ironische beeldvorming

In het vijfde ontwikkelingsstadium, het voorlaatste, wordt onder andere beschreven hoe mensen tot ‘ironische beeldvorming’ komen.

Het autonoom geworden individu participeert nog steeds aan collectieve beelden maar ziet hen nu als relatief eerder dan als absoluut. De onbewuste onderwerping aan externe ideologie is bewust geworden en is vervangen door gewilde schorsing van ongeloof.

Ironische beeldvorming betekent in dit boek evolueren van een eerder passieve ontvanger of verzamelaar van afval of culturele beeldtaal, naar cultuurschepper – van cinefiel naar cineast dus, van autist naar auteur.

Voor mensen met autisme zou dit de belangrijkste ontwikkeling zijn in hun leven, van apathische observator en imitator van sociale etiquette naar auteur met eigen scripts, eigen schepping (creativiteit, …), authenticiteit en eigen spoor en beeld. Lang niet alle mensen met autisme zijn auteur.

Tot slot het zesde en laatste ontwikkelingsstadium

Het zesde stadium is vermoedelijk de volledige verlichting, maar daar kan je beter zelf over lezen bij Bogdashina. Die kan veel beter uitleggen wat het leven na beelden is.

Zodanig goed dat het voor deze jongen onleesbaar werd, en ik nederig mijn hoofd buig en wacht – op een Nederlandse vertaling. Ik wens de potentiële vertaler alvast veel sterkte toe.

5 Comments »

    • @Mar Volgens mij verwar je twee titels van Olga Bogdashina.

      De titel die u vermeldt is een vertaling van ‘Autism and the Edges of the Known World: Sensitivities, Language and Constructed Reality’ (juli 2010)

      Dit is echter niet het boek dat ik besprak. Ik had het over ‘Autism and Spirituality : Psyche, Self and Spirit in People on the Autism Spectrum’ (juli 2013)

      • Mijn verontschuldiging, Autism and Spirituality is inderdaad het juiste boek en daarvan bestaat, voorzover ik weet, nog geen uitgave in het Nederlands. ISBN 978-1-84905-285-6. Is inderdaad lastig om te lezen. Groeten van Mar

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s