Terras of balkon? …. mijn potentiële leven als vastgoedmakelaar

balkon

Mocht ik niet geweest zijn wie ik nu ben, dan was ik wellicht vastgoedmakelaar geweest. Althans, dat heb ik toch vaak gehoord. Ik heb daar mijn twijfels bij. Niet omdat ik vastgoedmakelaar, ook wel immobilier genoemd in onze streken, een eerbiedwaardig beroep vind, verre van. Wel omdat ik in een ander leven misschien wel verzeild zou zijn in een veel liederlijker, haast Trumpiaans leven. Of misschien was ik wel even saai als de meeste anderen, wie weet.

Van hier en nu beschouwd, zou ik het doorzettingsvermogen dat ik nu heb, de harde werkkracht en de creativiteit om oplossingen te vinden in onmogelijke en vaak uitzichtloze situaties, vast niet gehad hebben. Al is dat ook niet helemaal zeker.

Ik ga er dus maar vanuit dat ik een vastgoedmakelaar zou zijn geworden. Omdat ik redelijk wat verkoopstalent heb, een (overgeërfde) neus voor zaken en een zekere kennis van woningen in allerhande soorten en maten (via mijn moeder, die graag huizen bekijkt). Dan zat ik nu, na drie jaar gestudeerd te hebben voor Vastgoedmakelaar, in zo’n knus vastgoedkantoortje of liep of fietste ik mij te pletter om op tijd te zijn voor afspraken met klanten die niet opdagen en niet eens afbellen.

Dan hingen er in de hele stad nu vast bordjes met mijn naam en daarboven ‘te huur’ of ‘ te koop’, en moest ik op zoek naar de ideale kandidaat. Een nette homo zonder hond en met geld. Twee lesbische vrouwen die goed kunnen poetsen en rustig zijn. Een alleenstaande maar sociale oudere vrouw met goed gehoor, met thuiszorg en een kleindochter die haar in het oog houdt tegen dat ze dementeert. Of een charmante jonge dame zonder vrijersvoeten maar met vast werk bij de bank.

Mijn leven zou dan vast draaien rond de vraag of een woning een terras of balkon, liefst met zicht op groen of zee. Anderen willen een tuin of een garage, voldoende privacy en goede ontsluiting. Of ik zou woningen moeten klasseren naar belastbare waarde en energievriendelijkheid. Ik zou foto’s moeten maken die een duivenhok op een paleis doen lijken en liefst de mooiste plekken in het licht zetten. Een enkeling zou ook vragen naar de geluids – en lichtisolatie, of er huisdieren mogen gehouden worden en hoe het zit met de kerken in de omgeving.

Zelf hoef ik geen balkon of terras, al blijkt het voor veel mensen belangrijk. Als ik vertel verhuisd te zijn willen ze immers weten of ik ‘kan buiten zitten’. Uiteraard, antwoordt ik dan, er is een breed trottoir voor het gebouw, en de straat is rustig. Maar dat bedoelen ze niet.

Ze willen weten of ik een stukje grond heb waarop ik kan zonnen, de krant lezen, iets kweken, een eventueel huisdier kan uitlaten. Dat heb ik niet. en ik hoef het niet, maar dat lijkt er bij hen niet in te gaan. Ik zit nu eenmaal het liefst binnen. En bovendien: mijn lief heeft een balkon en terras, zeg ik hen. Waarop ze haar poes nu en dan uitlaat. En dan glimlachen ze eens. Ik zou niet weten waarom ze dat doen, dus ik glimlach terug. Uit beleefdheid.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s