Op schattenjacht voor schijtlaarzen

Een beeld zegt meer dan 1000 woorden. Soms is dat zo maar soms ook niet. Probeer sommige borden maar eens te ontcijferen. Met pijlen omhoog, schuin omhoog, rechts of links buigend, verbod – en gebodstekens. Alles in één. Met of zonder geluid. Al dan niet beklemtoond met lichtinval. Aan een bord kan je eerder zien hoe men denkt over jou dan wat men wil zeggen.

Anderzijds … 1000 woorden is wel heel wat. Dit zijn er amper 820. Nu het zomert, zijn sms’jes zelfs al ellendig lang voor mijn marsepeinen vingers. Mijn vriendin daarentegen zwiert er met gemak een stuk of tien per minuut op haar gsm. Handig als je handig bent. Ik hou me meer bezig met lezen dan schrijven. Zo hou ik ervan tijdens de zomer ontdekkingen te doen in boeken. Op schattenjacht, maar dan voor schijtlaarzen.

Op die momenten volgt zoiets als de overdenking in de proloog van de roman De Vulkaanminnaar van Susan Sontag. Weifelend, maar uiteindelijk toch, net niet en dan weer net wel. Een boek opengeslagen op een willekeurige pagina. Op goed geluk. Zoals in het boek met alle antwoorden van Carol Bolt, alleen net iets spannender. Toen ik daarin zocht de vraag ‘wat is het goede’, kreeg ik als antwoord ‘vraag dat aan degene die er verstand van hebben’. En die keer dat ik de vraag stelde ‘zal ik ooit rijk, gelukkig en gezond zijn?’, was het antwoord ‘reken er maar niet op’. Zulke boeken haal je dus best niet in huis.

Verder lees ik graag de eerste pagina’s van een boek. Of tik een willekeurig trefwoord in op Amazon.com. Zo kwam ik bij het begin van alles. Het boek van de mij volledig onbekende Robyn Schneider. Soms denk ik dat er voor iedereen een tragedie te wachten staat, dat mensen die op het ene moment de melkboer betalen, hun pyjama nog aan, of net in hun neus peuteren aan het verkeerslicht, slechts een ogenblik verwijderd zijn van een ramp. Dat ieders leven, hoe onopmerkelijk ook, een moment heeft dat het buitengewoon wordt. Tenminste, volgens deze mijnheer of mevrouw Schneider.

Het heeft iets weg van wat ik vroeger deed. Toen ik het land afreisde naar tweedehandsboekhandels. Met een notaboekje in de hand, om interessante weetjes op te schrijven. In de loop der jaren ben ik op bibliotheken overgestapt. Deze bieden minder verleiding tot kopen en je kan er ook rustig zitten, en soms zelfs iets drinken in een leescafé. Tegenwoordig snuister ik liever online, ook vloeit daar wel eens een uitstapje naar de bibliotheek of de boekhandel uit volgt. Met onderweg de gebruikelijke zomerse handelingen.

Zo kan ik ervan genieten met mijn vingers langs het rek te glijden en de titels één na één te lezen, hardop uit te spreken en me af te vragen over wat het zou gaan. Soms is dat een uitdaging. Zoals bij deze: 100 katten die de beschaving veranderden. Vijf elementen om doelmatiger te denken. 50 ideeën rond het menselijk verstand. 500 poses voor de moderne vrouw. Tweeënvijftig goedkope dates. Alles wat u altijd wou en anderen niet gunt. Bij andere boeken is de titel iets minder uitdagend: Mijn kind heeft autisme. ADHD bestaat niet. De kracht in verdriet. Enzovoort.

Soms blijf ik wel een zitten en lezen. Uit nieuwsgierigheid. Zo nam ik onlangs een boek vast met titel ’13 dingen die mentaal sterke mensen niet doen’. Met als aankondiging binnenin ‘Voor ieder die vandaag ernaar streeft beter te worden dan gisteren’. Hoewel ik vind dat iedereen elke dag beter is dan gisteren, bladerde ik verder.

Wat doen die mentaal sterke mensen dan precies? Afgezien van mijn twijfels dat er zulke mensen bestaan natuurlijk. Wel, dat blijkt nogal wat te zijn.

‘Mentaal sterke’ mensen blijken zich immers nooit te excuseren als er iets fout loopt. Ze springen meteen op de gelegenheid als die zich aanbiedt. Ze richten zich niet op iets waar ze geen controle over hebben. Ze houden zich niet bezig met de reacties van anderen of het dat deel van het verleden dat niet leidt tot een betere toekomst. En ze hebben niet het gevoel dat ze iets verschuldigd zijn aan de wereld.

Toen ik het boek terugzette in het rek, was ik toch even blij dat ik in een psychologisch verslag ooit als ‘mentaal zwakt tot zeer zwak’ werd beschreven. Niet dat ik me daar mee vereenzelvig, ik bespaar u het commentaar, maar als dat als ‘mentaal sterk’ wordt beschouwd, ben ik het toch liever niet.

Even later zette ik mijn vouwfiets weer in elkaar, trapte mezelf naar de trein, en treinde vrolijk naar huis. Onderweg excuseerde ik me af en toe, paste op voor gelegenheden zich aanboden en probeerde wat minder controlefreak te zijn. Ik vroeg me af of ik al die jaren toch niet te hard was geweest, en begon te denken aan het verleden. En vooral aan alles wat ik verschuldigd was aan de wereld. Veel te veel om hier in één twee drie op te schrijven.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s