De man die er niet was … autisme en introspectie

26444_577a642bccee1_26444
Lang voor de officiële diagnose (een woord waar hij een hartsgrondige hekel aan heeft – ‘dat klinkt alsof ik een probleem heb’ -, hoewel hij veel van wat psychiaters doen waardeert) had James al vaak nagedacht over waarom hij anders was. Van contact met anderen werd hij angstig, depressief. Zelfs nu nog is hij bij de meeste mensen niet erg op zijn gemak. Zijn introspectieve karakter hielp hem echter te begrijpen wie hij is en uiteindelijk de last van andermans verwachtingen van zich af te werpen. “Ik verwarde mijn eigen zelf met wat zij vonden dat ik moest doen. Ze konden zich mijn perspectief gewoon niet voorstellen”. Het type eigenschappen dat James’ introspectie aan het licht bracht – zijn verlangen om alleen te zijn, zijn problemen met intieme sociale relaties, angst en stress in sociale situaties en uit zijn kindertijd bijvoorbeeld zijn aversie tegen knuffelen en kussen – , kwam aan het begin van de jaren veertig, toen het woord ‘autisme’ voor het eerst in de medische literatuur opdook, onder een vergrootglas te liggen.

Anil Ananathaswamy in De man die er niet was. Een reis door het brein (Meulenhoff, 2016) (vertaling van The man who wasn’t there).

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s