Als een duivelinnetje in een wijwatervat … autisme en fictie

Van kleuren als rood, violet en geel moet ze niet weten. Die ervaart ze afmattend en bezorgen haar overprikkeling. Verder analyseert ze zichzelf voortdurend als een computer met software die zoekt naar fouten. En ze komt haar dagen door met herinneringen die ze oproept uit haar fotografisch geheugen. Iets nieuws betekent voor haar nieuw werk, en kan er echt niet meer bij. Met nieuwe ervaringen kan ik niets in mijn hoofd, laat ze weten.

Na haar studies Industrieel Design hield Niah, een vrouw met autisme, zich in haar eerste job vooral bezig met de imitatie van de vreemde sociale geplogenheden van haar collega’s. Tot ze op een dag, onverwacht, midden in haar middagpauze, haar kantoor verliet. Ze is er sindsdien niet meer terug geweest.

‘Ik kon niet langer veinzen met mensen om te kunnen’

Enige jaren later, nu ze 28 is, denkt dat het onder andere aan de mensen lag. ‘Zij zeggen zelden of nooit wat ze echt denken of willen. Daar word ik echt gek van. Als ze niet doen alsof, dan praten ze over iets waar ze niets van kennen. Op een gegeven moment kon ik dat niet langer aan, kon ik niet meer veinzen daarmee om te kunnen’. Waarop ze zich een tijdje liet opnemen, daarna regelmatig ambulante therapie volgde en intussen de strijd met haar vele angsten aanging.

Tegenwoordig komt ze haar dagen door met diverse routines. Zo kiest ze dezelfde wegen, luistert bij elke overgang een bepaald liedje, en eet volgens dezelfde patronen. Als vieruurtje eet ze bijvoorbeeld een heel seizoen appelen, in de variaties die aangeboden worden. ‘Dat geeft me een aangenaam gevoel van overzicht’, zegt ze. ‘Wanneer de dag een snelstromend beekje met verraderlijke stroomversnellingen is, dan zijn routines de boeien waar ik kan rusten. Ook als het er zo hevig aan toe gaat, dat ik de richting en mezelf dreig te verliezen. Het leven heeft boeien nodig.’

Alsof met één term alles duidelijk zou moeten zijn

Autisme is volgens haar een continuüm dat erg moeilijk onder één noemer is samen te vatten. ‘Ik kan van mezelf eenvoudigweg niet zeggen dat ik een autiste ben. Dat zou zijn alsof iemand zich alleen maar zou voorstellen met “Ik ben een man”. Met die ene zin, die ene term zou dan meteen alles duidelijk moeten zijn. Alsof iedereen dan zomaar zou weten dat het gaat om een wielrenner met rode haren die 1 meter 73 is. Nee, je moet jezelf omschrijven. En als je dat zelf niet voortdurend doet, doen anderen dat wel in jouw plaats, voor jou.’

Recent kwam haar debuutroman uit, geschreven in de ik-vorm. Een boek waarvan ze duidelijk stelt dat het absoluut niets met haar biografie heeft te maken. Behalve dan misschien dat zowel personage als schrijfster psychiatrische begeleiding kregen.

Niemand is normaal zonder gek te zijn.

In haar roman, net als in de eerste alinea van dit stuk, komt Juli aan het woord. Juli is een vrouw met autisme, die in de eerste persoon enkelvoud spreekt over haar belevenissen. Die zijn op z’n minst nogal vreemd. Ze is 27 en staat met beide voeten in het leven – vaak zelfs een beetje teveel. Haar levensmotto is dan ook : “Niemand is normaal zonder gek te zijn”.

Elke dag betekent voor haar een stormvloed van verwachtingen, informatie en emoties, die ze moet overmeesteren. Ze komt tijdens haar hulpverlening in contact met de overdreven vriendelijke Sophie en met Philipp, die ze, de ene dag al meer dan de andere, aantrekkelijk vindt. De drie trekken er samen op uit en brengen samen een weekend door, waarna niets nog hetzelfde is als voorheen.

Tot slot … antwoorden op ‘hoe gaat het’ met ‘op dit moment ervaar ik 86,67% angst’

Of autisme er überhaupt iets te maken heeft, moet de lezer maar zelf beoordelen tijdens het lezen. In elk geval heeft Juli enkele toch wat bizarre gewoontes. Zo is het voor haar heel gewoon om haar gemoed voortdurend in procenten uit te drukken. Zo antwoordt ze op ‘hoe gaat het?’ met ‘op dit moment ervaar ik 86,67% angst’. Terwijl ze op een ander moment slechts 3,33% angst zou ervaren.

Alleen de poging om in een dagkliniek haar chaotische leven terug op de rails te krijgen loopt enigszins gelijk met die van haar bedenkster. Of misschien toch nog iets: beiden zijn ze, volgens de schrijfster, een duivelinnetje in een wijwatervat. Joost mag weten wat dat te maken heeft met autisme.

Fuchsteufelstill van Niah Finnick (uitgegeven bij Ullstein, 2017). Enkel in het Duits. De bespreking is deels geïnspireerd door een recent artikel in de Märkische Allgemeine.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s