De vrouw op de zes van half tien …

Het leek of ik iets had moeten begrijpen wat ik niet had begrepen. Of dat ik iets had moeten zien wat ik niet zag en misschien wel nooit zal zien, of kan zien. Met de beste wil ter wereld. En toch ging alles verder. Hoe het moest zijn, zal ik maar denken. Tot ik hier sta, naast u, bij de bushalte en ik aan u mijn vraag stel. Waar ik al een tijdje mee rondloop. Of het hier goed is om te verhuren. Want u ziet er een ‘betamelijke man’ uit. Dat zei ik u daarnet toch. En u lachte vriendelijk naar mij.

Meestal lachen mensen niet naar mij. Ze bekijken me vreemd aan, maken er zich met een beleefdheidsformule van af, en gaan door met wat ze bezig was. Bij u was dat niet het geval. U keek me niet eens aan, u lachte gewoon vriendelijk en u antwoordde eerlijk. Dat ben ik niet gewoon, mijnheer.

Nee, ik ben hier nog niet zo lang. Sinds een paar maand. Op een vrijdagnacht ben ik hier ingetrokken bij een lieve jonge man die ik heb leren kennen via Facebook. Ik was een paar maand eerder weggegaan bij mijn man. Een koude weinig empathische man, met complexen. Hij zag niet eens meer wie ik was. Of heb ik me zo vergist? Dat kan haast niet. Hij zat zeker ergens mee, maar telkens ik hem vroeg waar hij mee zat, wat hij voelde, schudde hij misnoegd zijn hoofd. Verdronken in zijn sinthoom, zei mijn psychotherapeute. Ik zal er maar vrede moeten mee nemen, zeker?

Ik vluchtte dus naar hier, en vond eerst wel wat steun bij mijn prins, maar al gauw liep het mis. En nu ben ik bang, mijnheer. Want ik kan niet meer terug. Huis verkocht daar, en ik betaal kost en inwoon bij mijn nieuwe vent. En wat krijg ik ervoor terug? Niets dan ellende. Dus wil ik iets kopen en voorlopig verhuren. Nee, ik wil niet bij hem weg.  Nu doe ik zijn huishouden nog, maar ik kan hem toch niet alleen laten? Dat zou hij niet aan kunnen alleen. Als ik iets achter de hand heb, zal het beter gaan. Zowel voor mij, als voor hem. Dat weet ik zeker.

Hopelijk stoort het u niet, dat ik hier zit, naast u op de bus. Dat u er al de volgende halte af moet, is natuurlijk jammer, maar zo gaat het leven nu eenmaal. Misschien stap ik ook af. U geeft me intussen waardevolle tips over huren en verhuren. Wat bent u slim, mijnheer. Nee, ik meen het echt.

Dat trekt me wel aan in mannen. Dat ze slim zijn, en sterk, en liefst ook goed in de dingen die een vrouw graag heeft, begrijpt u? U glimlacht, dus u herkent het vast. Waarom zou u anders glimlachen? De jeugd van tegenwoordig doet het goed, vind ik, ondanks wat de kranten schrijven. U bent daarvan het levende bewijs. Ja, natuurlijk, zijn er natuurlijk ook rotte appels. Maar die zijn er overal, over alle generaties heen. Hou u goed, mijnheer, en bedankt voor alles. Hopelijk zien we elkaar terug. Tot ooit.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s