Van focus op leerpunten naar bewustzijn van kwaliteiten … autisme en welbevinden

In de verf zetten of benadrukken dat mensen met autisme, net als anderen, positieve eigenschappen hebben benadrukken, is, op het eerste gezicht, minstens te gek voor woorden. Dat hoorde ik onlangs van iemand met autisme na een voordracht over talenten. ‘Het is toch vooral een probleem van mensen die niet zien of niet willen zien dat mensen met autisme ook goede dingen doen, veel kunnen en weten en talenten hebben?”. Zijn omstaanders vonden dat toch wat te kort door de bocht. “Autisten vinden het toch altijd de schuld van een ander hé?” klonk het.

Ik kon en wou de man met autisme geen ongelijk geven. Ook al omdat ik geen zin had in een eindeloze discussie om wie het laatste woord had. Niettemin blijf ik het belangrijk vinden om mijn eigen en andermans talenten en goede eigenschappen te verwoorden. Nog niet zo lang geleden was dat helemaal anders. Toen was ik vooral bezig met mijn leerpunten, wat ik nog kon verbeteren aan mezelf, en de dingen in mijn leven waar ik nog aan kon werken. En dat was meestal een hele waslijst. Waardoor ik meestal rondliep met het gevoel een complete mislukking te zijn.

Zeggen wat er goed gaat en wat je goed kan (of wat de ander goed kan) , waar je positieve kwaliteiten liggen is evenmin ingebakken in de streek waar ik ben opgegroeid. Integendeel, net zomin als je over gevoelens sprak, kon je ook maar beter zwijgen over wat jezelf goed kon of wat de ander doet deed.  Misschien was het uit vrees om een zwakke plek bloot te leggen, om stokken in de wielen van je leerproces te steken of om kwetsbaar over te komen. Het kwam, zei men, in elk geval ongepast en hoogmoedig over. Goede wijn behoefde geen krans, en hoogmoed komt de val, dat waren zowat de twee spreekwoorden die mijn jeugd beheersten. Het is niet toevallig dat daar ook een flink stuk (burgerlijk) rooms-katholieke godsdienst mee gemoeid was.

Sindsdien probeer ik van die extreme nederigheid weg te blijven. Toch blijf ik ook weg van het andere uiterste, wat wel eens opvalt bij sommige mensen met autisme die als geen ander lijken te weten wat ze beter kunnen, waar ze goed in zijn, waar ze in uitblinken, en zonder enige gêne tentoon spreiden. Zelf ben ik er meer dan eens bang voor belachelijk over te komen door al te positief over te komen over wat ik denk te kunnen en te zijn, terwijl de realiteit het tegendeel toont, namelijk dat ik het niet goed kan of wat ik niet ben.  Diep binnenin is er altijd een stem die me compleet gek verklaard dat ik durf zeggen dat ik dit of dat kan of ken. Dat is ook niet onlogisch, denk ik, omdat al zoveel keer gezegd is (op school, in de vrijetijdsvereniging) dat iets niet goed gaat, dat het verkeerd is om dit of dat te doen of te zeggen, dat het ‘mijn schuld’ is. Ironisch genoeg zijn het net de mensen die me ‘als normaal’ willen behandelen, en afgeven tegen labels en medicalisering, die dat doen en hebben gedaan.

Het is nog altijd niet eenvoudig om te antwoorden op de vraag wat goed gaat, wat ik goed kan en waar ik goed in ben. Het is eenvoudiger om een lijstje te maken van de vijf grootste missers in mijn leven, de vijf dingen die ik nooit had mogen doen (maar wellicht nog wel eens overdoe), of de vijf zinnen die ik had had mogen uitspreken. Maar … er is toch al het een en ander veranderd.

Stilaan wordt ik me bewust van wat me een goed gevoel geeft (onder andere via de goed gevoel-vragenlijst van Autisme Centraal), hoe ik oplossingsgericht kan leven (dankzij mijn coach) en mijn vinger kan leggen op wat ik goed kan. Een hulpmiddel voor dat laatste vond ik onlangs op de website van psychologe Annelies Spek.

De ‘Vragenlijst naar eigenschappen en kwaliteiten’ is erop gericht, met of zonder begeleiding, de kwaliteiten van mensen met autisme (of een autismespectrumstoornis) bewust te maken. Zoals elke vragenlijst is degene die Annelies Spek vermeldt beperkt, moet ze gerelativeerd worden, en gezien worden als uitgangspunt om tot een dialoog of bewustzijnsproces rond iemands kwaliteiten te komen.

Zo zullen er vast mensen met autisme zijn met positieve eigenschappen die niet aan het licht komen door deze vragenlijst. Of er zullen mensen zijn die zo’n vragenlijst verkeerd interpreteren als een diagnostisch instrument waardoor ze al dan niet autisme hebben, of er hun beeld en ervaring van autisme niet mee kunnen matchen. Een andere, onterechte, kritiek is vast dat het weinig praktische handvatten biedt.  Geen enkel ‘instrument’ biedt dat volgens mij, de magie gebeurt nog altijd in de communicatie, waar de meeste mensen zonder autisme (en zeker ondersteuners) helaas jammerlijk de mist ingaan.

Tot slot zal ik maar toegeven dat ik, ondanks mijn intuïtieve aanvoelen, goede eigenschappen heb. Zo ben ik leergierig, en vindt dat er altijd iets is mijn leven waar ik over wil leren. Verder heb ik veel doorzettingsvermogen. Het klopt dat ik altijd helemaal wil afmaken waar ik aan begonnen ben, en pas tevreden ben als mijn werk helemaal af is. Daarnaast vind ik loyaliteit een belangrijke eigenschap. Zo ben ik erg strikt in het niet door vertellen van geheimen of vertrouwelijke informatie. Af en toe wordt ik wel eens een betrouwbaar persoon genoemd, en dat vind ik erg lovend. En dan blijkt, niet verrassend, dat ik een grote fascinatie voor muziek en kunst heb, al is dat vooral de kunst van anderen en niet van mezelf.  Al is het een kunst bij deze opsomming niet al te veel te blozen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s