1000 vragen aan jezelf #62

  1. Beïnvloedt jouw naam hoe of wie je in je leven bent geworden?

    Dat zou me verwonderen, maar ik heb daar eigenlijk nog niet veel bij stil gestaan. Mijn (voor)naam zie ik vooral als een gift van mijn ouders, maar ik ben er niet bewust mee bezig. Waarschijnlijk heeft mijn familienaam meer invloed gehad, in de zin dat ontmoetingen met anderen erdoor bemoeilijkt of vergemakkelijkt worden.

  2. hoe lang wil je herinnerd worden nadat je bent gestorven?

    Dat hangt volgens mij af van welk effect dat herinnerd worden heeft, in de eerste plaats voor mijn eigen welzijn nadat ik gestorven ben en verder ook voor het welzijn van mensen die nog een stukje verder gaan. Als het een positief effect heeft, hoop ik nog lang herinnerd te worden. Als het geen of een negatief effect heeft, hoop ik dat mensen mij niet te lang blijven herinneren.

  3. is er in jouw leven vooral gekeken naar wat goed ging of naar wat fout liep?

    Aanvankelijk, tijdens mijn kindertijd, was er eerder een overwicht van dat laatste, in het kijken naar wat fout liep en daar proberen iets aan te doen. In de hoop dat het toch nog zou goed komen. Naarmate duidelijk werd dat een aantal verwachtingen te hoog gegrepen waren, was er meer interesse in wat (nog) goed ging. Pas later in mijn leven, nog niet zo lang geleden dus, is er ook interesse in wat goed loopt en wat ik goed kan. Jammer genoeg is dat naar mijn gevoel nog te vaak vanuit het standpunt van degene die kijkt, eerder dan te kijken naar wat ik vind dat ik goed kan of wat er volgens mij fout loopt. Al zie ik een licht positieve evolutie, ik zou wel liever hebben dat wat goed gaat niet als bewijs of teken wordt gezien dat ik geen last meer heb van wat volgens mij fout loopt, en dus maar over moet zwijgen.

  4. wat maakt een mens sterker volgens jou?

    Dat is moeilijk te zeggen, want zowel sterk als het tegendeel ervan gebruik ik niet graag, en wat voor de ene helpt om ‘sterker’ te worden kan bij de ander een onverwacht, ongewenst of tegengesteld effect geven. Nog los van de veronderstelling, die weerklinkt in de vraag, dat je als mens ‘sterker’ zou moeten worden.  Tegenslagen maken een mens alvast niet sterker, hoe je er ook uitkomt. Te weten komen en oefenen wat je goed kan en graag doet, en daarin gesteund worden door mensen in je omgeving, kan volgens mij wel een aanzet zijn om die tegenslagen beter aan te kunnen. Verder kan het ook helpen om veronderstellingen en aannames over van alles en nog wat relativeren, emotioneel niet te fel proberen te reageren, en te geloven dat het goed komt. Veel van iemands sterkte (en het tegendeel) is volgens mij ook geen verdienste van die persoon zelf maar grotendeels puur toeval. Voor hetzelfde geld was het allemaal heel anders.

  5. in welke film zou je het liefst leven?

    Het liefst zou ik leven in een film die nog moet gemaakt worden, namelijk de verfilming van mijn autobiografie. De meeste films die ik heb gezien, hebben namelijk geen tijd, landschap of scène waar ik graag zou wonen. Ik zou er mij vooral opgesloten voelen.

  6. welke dag van de week heb jij het liefst?

    Het liefste leef ik in de dag die voorbij gisteren en voor morgen komt, om het even welke naam die dag heeft Voor mij klinkt dinsdagmiddag het mooist. Zelfs in maandagmorgen, zaterdagavond en zondagmiddag, traditioneel toch de minst geliefde dagen, blijkt uit de statistieken, heb ik de mooie kanten leren zien.

  7. hoe lang duurt het volgens jou vooraleer je iemand goed kent?

    Dat duurt volgens mij minstens, en als het goed zit, enkele reizen, een crisis waarbij het rood op je schaamkaken staat, een fout gelopen maaltijd voor meerdere personen, en enkele grote misverstanden op vlak van communicatie of afspraken.

  8. waar knap je absoluut op af bij een ander?

    Waar ik absoluut op af kan knappen is wanneer iemand een afspraak of belofte niet nakomt, en mij het gevoel geeft dat ik niet welkom ben, niet nodig ben of op een of andere manier minderwaardig ben.

  9. wat is volgens jou het minst aangename aan man zijn?

    Dat is een moeilijke, omdat man zijn voor mij erg vreemd overkomt. Ik ben vooral een mens, en gender is een vaag begrip voor mij. Er zijn wel wat onaangename dingen aan man zijn, maar dat heeft meer te maken met het bedenkelijke gedrag van andere mannen, zoals hun toiletbezoek, onbeschaafdheid en neerbuigendheid. Al ben ik er zeker van dat dit ook bij vrouwen onderling voorkomt. Van hormonen heb ik voorlopig nog niet veel last gehad.

  10. wat is het meest zinloze dat je kan?

    Ah, een  vraag op mijn maat ! Ik kan heel veel dingen die zinloos overkomen voor anderen, maar die ik eigenlijk erg nuttig beschouw.  Zo kan ik mijn tien tenen en vingers tegelijk kraken, en met het topje van mijn tong bijna aan het topje van mijn neus. Ik ben ook een wandelende encyclopedie van de meest zinloze weetjes. Maar het moeilijke aan deze vraag is dat het meest zinloze dat ik kan moeilijk te vinden is. Mogelijks omdat het voor mij wel eens het meest zinvolle zou kunnen zijn. Misschien is het wel urenlang bijna onbeweeglijk languit op mijn bed liggen zonder me nadien te herinneren wat er in die uren door mijn hoofd is gegaan.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s