‘Mensen begrijpen mij daarna misschien beter’ … autisme en werk

Vertel ik het of vertel ik het niet? Het is een van die vaak voorkomende vragen in mijn mailbox als het gaat over autisme en werk zoeken, vinden en houden. Vermeld ik mijn (diagnose) autisme wel of niet, en zo ja, wanneer, hoe en wat wil ik er mee bereiken? Het lijkt geen vraag die op het eerste gezicht zomaar met ja of met nee beantwoord kan worden.

De vraag lijkt te suggereren dat er een keuze is in het openbaar maken van autisme op de werkvloer. Die is er vaak niet, blijkt uit een recent Brits onderzoek bij autistische volwassenen.

Als mensen met autisme hun autisme openbaar maken op hun werkplek, blijkt dat meestal als ze geconfronteerd worden met een negatieve ervaring op de werkvloer en te moeilijke werkomstandigheden. Dat blijken vooral moeilijkheden op vlak van sociale communicatie, zoals het onderbreken of abrupt beëindigen van een gesprek, in het bijzonder in de omgang met collega’s. Ook zintuiglijke gevoeligheden (voor bepaalde soorten verlichting, geur en geluid) blijken vaker moeilijkheden te veroorzaken.

Autisme outen is dan een van de manieren om met deze uitdagingen op langere termijn beter om te kunnen en aan de slag te blijven in die baan. Het is dus eerder een noodzaak dan een keuze. Met die outing hopen ze op begrip van collega’s, wettelijke bescherming tegen ontslag en aanpassingen ontvangen, zoals flexibeler werktijden en veranderingen in de werkomgevingen.

De deelnemers aan het onderzoek die hun autisme bekend maakten, deden dat zeker niet alleen, lieten ze weten. Ze doen het meestal na veel afweging en zeker niet in een opwelling. Ze doen het vaak ook zeer selectief, aan wie het in de organisatie waar ze werken echt moet weten. Bij het nemen van hun beslissing vonden ze steun bij hun familieleden, in het bijzonder ouders, bij belangrijke anderen (vrienden, autismecoach, collega’s die ze vertrouwden) en bij andere mensen met autisme (bijvoorbeeld via online groepen).

‘Mensen begrijpen mij daarna misschien beter’ is in de meeste gevallen de motivatie om autisme te outen op de werkvloer. Toch blijkt hoe de bekendmaking van autisme de houding van collega’s zou kunnen beïnvloeden meteen ook de belangrijkste bezorgdheid te zijn. In de meeste werkplekken zou immers een moordende druk heersen en de outing van autisme kan zowel een stap vooruit zijn als, in het bijzonder bij vrouwelijke werknemers, de laatste stap op weg naar ontslag.

Veel autistische werknemers voelen daarnaast ook de dreiging van marginalisering door inactiviteit. Werken als autistische volwassene blijkt er, volgens de onderzoekers, de laatste jaren niet eenvoudiger op geworden. Volgens het Brits onderzoek zou hoogstens 30% van alle autistische volwassenen betaald werk, al dan niet begeleid, verrichten. Dat is 20% lager dan de groep van mensen met een handicap en ruim 50% minder dan bij personen zonder maatschappelijk erkende beperkingen. In ons taalgebied zijn dat er wellicht niet veel meer, en mogelijks minder.

De meeste mensen met autisme uit het onderzoek blijken het zekere voor het onzekere te nemen en het bekend maken van hun autisme zo lang mogelijk uit te stellen. Enkel wanneer de werkgever of organisatie van vooraf duidelijk, schriftelijk zowel als mondeling, aangeeft dat autistisch zijn een voordeel is voor de functie, voor de baan, en het autistisch perspectief duidelijk als een troef wordt beschouwd, laten sollicitanten het weten tijdens hun sollicitatietraject. Autistische sollicitanten die dat wel doen, beschouwen zichzelf als rolmodellen voor andere autistische personen. Ze doen het ook omdat ze denken dat het hen beter in hun vel zal doen voelen, en ‘omdat het ergste dan achter de rug is’. Opmerkelijk genoeg doen ze dat alleen schriftelijk, in hun sollicitatiebrief, of op het sollicitatieformulier van de werkgever, bijna nooit tijdens het sollicitatiegesprek.

De meeste mensen met autisme vermijden het onderwerp autisme echter zoveel mogelijk voor ze op vaste basis zijn aangeworven. Soms heeft dat te maken met gebrek aan vertrouwen, vaker echter uit angst niet geselecteerd te worden.

Dat laatste blijkt gegrond volgens de onderzoekers. Mensen die hun autisme in hun sollicitatiebrief of op het sollicitatieformulier vermelden blijken immers 26% minder kans te hebben om geselecteerd te worden. Wie zijn of haar autisme tijdens een sollicitatiegesprek naar boven brengt, blijkt zelfs vier keer minder kans te hebben dan de niet-autistische kandidaten. Er zou dan ook onvoldoende bewijs zijn om autistische personen aan te raden hun autisme openbaar te maken, besluiten ze daaruit.

Uiteraard hoeft bekend maken van autisme op de werkplek niet altijd negatief uit te draaien. Er hangt enorm veel af van hoe genuanceerd de (potentiële) werkgever denkt over autisme, en in welke mate de volledige organisatie daarover geïnformeerd is. Van werkgevers of collega’s op de werkvloer wordt zeker niet verwacht dat ze autismespecialist worden. Erkennen dat autisme bestaat, dat het geen reden mag zijn tot pesten of doelbewuste discriminatie, dat bepaalde kleine aanpassingen veel kunnen verbeteren, dat is veel beter. Niet zozeer een autismestructuur of een ‘eilandje’ binnen een bedrijf maar wel een duidelijke openheid en waardering voor autisme ingebakken in de bedrijfscultuur is belangrijk voor veel autistische werknemers.

Als een werkgever zijn of haar verantwoordelijkheid opneemt als het gaat om het welzijn van werknemers, zou het zelfs niet eens nodig zijn om autisme bekend te maken.

Openbaar maken van autisme is immers niet het doel van de meeste autistische werknemers, wel openheid van collega’s om verschillende manieren van werken en communiceren te accepteren, een werkomgeving die ingericht is volgens bestaande wetten en richtlijnen, en een rechtvaardig en eerlijk sollicitatieproces. Het verbeteren van autismekennis en inzicht kan een eerste stap zijn, maar mag niet blijven bij een eenmalige vorming of getuigenis die louter gericht is op structurele aanpassingen en eerste hulp bij ongewenst gedrag.

Helaas ontbreekt bij de meeste werkgevers openheid voor diversiteit en een duidelijk pad voor mensen met een bepaalde kwetsbaarheid of andersoortige communicatiestijl of werkmethode. Zelfs zonder dat er sprake is van autisme, zouden er, binnen de huidige wetgeving en aanbevelingen, ruimte moeten gemaakt worden voor flexibele werkregelingen, fysieke veranderingen die rekening houden met zintuiglijke gevoeligheden en alternatieven voor persoonlijke sollicitatiegesprekken (bijvoorbeeld het uitvoeren van daadwerkelijke taken voor een potentiële werkgever).

Samengevat is de vraag van het openbaar maken van autisme dus niet iets zijn van de werknemer alleen, en moet het altijd een positieve keuze blijven, geen laatste reddingsboei zoals nu vaak het geval is. Voel je als werknemer aan dat er geen ruimte is voor autisme in de organisatiecultuur of slechts vage structurele aanpassingen, dan lijkt het weinig zin te hebben een stuk van je privacy zomaar weg te geven voor onduidelijke baten.

‘People might understand me better: diagnostic experiences of autistic individuals in the workplace’ van Anna Melissa Romualdez, Brett Heasman, Zachary Walker, Jade Davies, and Anna Remington. Autism in Adulthood, januari 2021 (http://doi.org/10.1089/aut.2020.0063) (open access)

2 Comments »

  1. Bedankt voor deze blog met veel herkenbare zaken en afwegingen.
    Mijn persoonlijke ervaring hierbij is dat het delen van de diagnose aan welgekozen mensen kan helpen om bepaalde zaken te plaatsen. ASS wordt dan een kapstok van waaruit ik bepaalde zaken die mij moeilijk liggen beter kan uitleggen. Een andere optie is om deze moeilijkheden te benoemen zonder daarom het voor veel mensen toch wel zware woord “autisme” zelf te vermelden. Ik merk in ieder geval dat de openheid geapprecieerd wordt – toch wel een opluchting na jaren vermoeiende compensatie en camouflage. Dit alles met de kanttekening dat ik deze zaken pas heb aangehaald na enkele jaren dienst, waarin ik al een goede reputatie had opgebouwd op de werkvloer. In een nieuwe job zou ik toch weer hard twijfelen om dit aan te brengen in het begin of zelfs voor de start…

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.