Autisme als gevolg van de tijd

Over mogelijke oorzaken van steeds meer diagnoses autisme is er al heel wat geschreven. Zelf sta ik eerder sceptisch tegenover al die publicaties. Ze gaan veelal erg kort door de bocht en lijken weinig affiniteit te hebben met het leven zoals ik het ervaar.

Aan onze tijdsgeest zal het alvast niet liggen dat er meer mensen met gediagnoseerd autisme zijn. In de loop der tijd zijn er veel momenten geweest waar het leven veel moeilijker was dan nu. Tijden waarin mensen die ook verdacht gedrag vertoonden veel sneller verketterd, verpauperd, betutteld of verbannen werden. Voor zover we dat kunnen vergelijken natuurlijk. Evenmin als we kunnen vergelijken tussen beschavingen of religies, waar het beter is, wie ‘gelijk’ heeft, welke meer of minder beschaafd is.

Het onvermogen met tijd om te gaan

Misschien heeft de ‘opstoot’ van autisme wel iets te maken met ons onvermogen om met tijd om te gaan. Mensen zoeken daar al sinds eeuwen tevergeefs een oplossing voor. De creativiteit en filosofieën waarmee tijdsmeting al die tijd is benaderd fascineert mij.

Eerlijkheidshalve zeg ik er alvast bij dat ik helemaal niet met tijd om kan. Vroeger en later, nu en straks, eventjes, een ogenblik en op tijd komen … anderen lijken het fundamenteel anders te ervaren. Dat leidt tot veel misverstanden. Sinds een aantal jaar lopen trouwens al mijn klokken op verschillende tijden, al naargelang de functie die ze hebben. Verder heb ik een tijdsschema dat aangepast is aan wie ik ben, waardoor mijn leven toch enigszins vlot loopt.

Toch gaat het hier om nog iets anders. Eerder om het verband tussen onze omgang met tijd en hoe we lichamelijk en psychisch functioneren. En daar loopt volgens mij heel wat fout. Zeker sinds de invoering van de gemeenschappelijke tijd, in een poging de treinen op tijd te laten rijden en later het internet mogelijk te maken. Om nog maar te zwijgen van het winter – en zomeruur. Of de schrikkelseconde. In een wereld waar iedereen een klok heeft, weet bijna niemand hoe laat het is bij zichzelf

De drie verschillende klokken die ons leven beheersen

Ons leven wordt al sinds mensenheugenis beheerst door drie verschillende klokken. Ieder van ons heeft eerst en vooral een interne klok. Bij ieder van ons loopt die anders. In de loop van 24 uur krijgt de een sneller honger dan de ander, wordt de ene sneller moe dan een ander, en verschilt het aantal uren slaap. Die interne klok loopt in een verhouding met de stand van de zon en de omwentelingen van de aarde.

Tot laat in de negentiende eeuw liep een derde klok, onze sociale klok, daarmee gelijk. Er waren vaste routines. Mensen stonden op een vast tijdstip op. Ze ontbeten op vaste tijden. En op even vaste tijden gingen ze werken. De meeste meer dan nu, maar er was dan ook niet veel anders. Op het werk was het ook tijd voor werk. En als er na het werk nog tijd over was voor ontspannen gebeurde dat voor het slapen, op een vast tijdstip.

Bovendien werkten veel mensen nog op het land. En zelfs voor wie in de donkere fabrieken en thuis onder het zwakke licht werkte, viel het leven stil tussen zonsondergang en het dageraad. Tijdens het weekend moest er geen tijd gezocht worden. Het werk wachtte. En op zondag was er rust, wandelen, het café of de verering van de glorie Gods.

Vaste activiteiten op vaste momenten

Veel mensen hadden op vaste tijden activiteiten. Zonder dat er een klok was, deden ze een aantal vaste activiteiten op vaste momenten op vaste dagen. Er zijn nu ook nog mensen die dat proberen, maar het wordt hen moeilijker gemaakt door allerlei sociale verplichtingen.

Zo moet de werkman op zijn werk verplichte pauzes nemen. Zo voelt de huisvrouw zich verplicht om niet naar de dorpswinkel maar naar de supermarkt dertig kilometer verder te rijden – omdat ze daar bonuspunten krijgt. Dat kost niet alleen tijd maar levert ook stress op. En kinderen worden verplicht tot laat op de avond te werken aan van alles en nog wat. Terwijl ik vind dat werk op school daar hoort. Dat meenemen naar huis leidt alleen maar tot verwarring.

In de tijd waar critici van leerstoornissen naar verwijzen waren er overigens ook geen leerstoornissen. Kinderen met leerstoornissen of een handicap hoefden niet naar school, ze mochten ofwel thuis hard werken ofwel naar de fabriek.

Tegen de interne klok ingaan … activeert autisme

Die stress neemt nog toe in het weekend. Dan wordt het pas echt druk. Je wordt verwacht naar familiefeestjes te gaan, én volledig ontspannen om te gaan met vreemden op een dansfeest, én nog op de hoogte te blijven van de televisieprogramma’s en films die ertoe doen om op het werk mee te praten. Terwijl al die sociale omgang eigenlijk nergens voor hoeft. In het weekend ontspan ik me natuurlijk ook, maar dan zonder anderen lastig te vallen en met respect voor mijn interne klok.

Al die stress door tegen onze interne klok in te gaan levert bij meer dan twee derde van de bevolking verstoorde slaapgewoonten op. Die activeren bepaalde hersengebieden en verstoren er andere. Bij sommige mensen wordt er al gesproken van chronische sociale jetlag die stilaan maar zeker evolueert naar chronische vermoeidheid.

Bij mensen die al van bij de geboorte een vorm van autisme hebben leidt dat vaak tot autistisch gedrag. Bij de ene al vroeger dan bij de andere. Omdat de een al meer energie heeft het langer te verdoezelen dan de andere.

Elk heeft zijn eigenaardige klok

Veel autistische mensen hebben een heel eigenaardige klok. Of liever: iedere klok van ieder mens met autisme heeft elk zijn eigenaardigheid. De ene loopt achter, de ander is volledig disfunctioneel, nog een ander durft af en toe zonder reden stil te vallen. Voor de een is het middag, voor de ander altijd nacht, voor sommigen dan weer blijft het altijd half drie ’s middags.

Een duidelijke visualisatie van de tijd, geen familiale en sociale verwachtingen, en vooral respect voor de individuele interne klok zou het (storend) autistisch gedrag dus aanzienlijk kunnen verminderen. Het zou ideaal zijn mocht dat mogelijk zijn, maar sinds de negentiende eeuw domineert een uniforme tijdsinvulling ons straatbeeld.

Zelf los ik dat op door per activiteit de tijd in de gaten te houden. Met een time-timer bijvoorbeeld, of met een zandloper. En als de activiteit niet af is, draai ik de zandloper nog eens om. Dat blijf ik doen tot ik dood val. Dan wordt het zand elders gerecycleerd.

Hoe we kunnen komen tot minder diagnoses autisme

Een beetje aandacht voor de individuele interne klok van mensen zou wel als gevolg dat het aantal diagnose gevoelig zou kunnen dalen op termijn. Vermits een diagnose vaak gezien wordt als erkenning van een label op basis van problematisch gedrag. Wie goed slaapt en de tijd kan nemen om te leven, zou minder problematisch gedrag stellen.

Desastreuze gevolgen voor de neurotypische bevolking

Ondanks alle lijden en last dat met autisme kan geassocieerd worden, zijn er ook positieve effecten. Als persoon met autisme is het meer mogelijk om de interne klok te respecteren. De sociale druk, de statusangst, de dwang om ergens bij te horen ook bij een heel sterke wil om een eigen weg in te slaan, is gigantisch groot.

Bovendien is de invloed van het negeren van de interne klok bij neurotypicals veel rampzaliger. Wetenschappers kwamen al tot de bevinding dat neurotypicals zelfs een deel van hun hersenen gaan uitschakelen. En dat doet ze sinds vorige eeuw steeds meer. Vooral om ze te beschermen tegen aftakeling en steeds beperktere mogelijkheid te recupereren.

Bij de meeste mensen gaat het om dat deel dat rationeel, kritisch en logisch denkt. Bij andere om heel andere delen, zoals voeling in de omgang met anders-zijn. Mogelijks zou de opkomst van een heleboel –ismen zoals het atheïsme en het nihilisme te maken hebben met het negeren van de natuurlijke tijdsbeleving, routinematig leven en de daaruit volgende slaapstoornissen.

Een nefast effect op de ontwikkelingsleeftijd

Op lange termijn zou dat mogelijks ook leiden tot een nefast effect op de ontwikkelingsleeftijd. Dat zou meteen ook de toenemende kloof van de begaafdheid tussen neurotypicals en mensen met autisme verklaren. Maar ook de alzheimer-epidemie zou daarmee te maken hebben.

Trendspotters signaleren tegen het einde van deze eeuw een overwicht van mensen met een lichte verstandelijke beperking, terwijl mensen met autisme steeds meer hoogbegaafd lijken te worden. Dat zou komen omdat een deel van die laatste groep niet het verstand uitschakelt maar op het slaaptekort of de verstoorde tijdsgewoontes met extreem, contextvreemd, asociaal of irritant gedrag reageert. Wat dan steeds vaker leidt tot een bijkomende diagnose gedragsstoornis.

De link met obesitas en slechte voeding …

Toch zijn er effecten die voor beide groepen gelden, waarbij de kans op obesitas het meest opvalt. Zeker bij mannen met een gevuld sociaal leven die tegen de vijftig aanlopen is dat duidelijk te zien. Teveel verplichte sociale omgang ruïneert niet alleen hun mobiliteit en darmflora maar vaak ook hun humeur en relativeringsvermogen.

Natuurlijk mogen we ook de invloed van voeding en het eten niet vergeten. Het is volgens mij vooral de manier waarop mensen eten, in welke omstandigheden, in welk gezelschap, in welke omgevingen, dat een groot verschil kan maken. In onaangenaam gezelschap goed voedsel te snel opeten, kan slechter bevallen dan tijd nemen om ongezond voedsel te eten in goed gezelschap.

Daarom eet ik niet of amper tijdens vergaderingen of met mensen die ik niet kan uitstaan. Mijn hersenen geven dan immers een signaal aan mijn spijsvertering om niet te werken. Dat negeren leidt alleen tot onsmakelijke toestanden en krampen. Als het even kan, en meestal kan dat, eet ik het liefst alleen. Het is gezonder, aangenamer en zorgt voor minder maagproblemen.

De interne klok negeren lijkt ook het gebruik van alcohol, medicatie en koffie in de hand te werken. Zeker bij mensen die gedwongen meer sociaal moeten zijn. Misschien is het toedienen van deze middelen een manier om te vechten tegen de weerstand van zowel psyche als lichaam.

Tot slot …

‘Een drukke agenda maakt dik’ stond er onlangs in de krant. Ook artikels over ‘time management’ zijn hip. Anderzijds zijn er enkele psychologen die het voortdurend hebben over de effecten van onze prestatiemaatschappij.

Toch is dat alles maar een afgeleide van waar het werkelijk om draait: de manier hoe we omgaan en ons bewustzijn van onze interne klok, die bij elk van ons anders is.

De invulling van veel begrippen die tegenwoordig centraal staan in ons samen leven zoals gezelligheid, gezelschap, samen zijn … zijn daarvan afgeleid. Die begrippen hangen sterk samen met hoe iemand zijn interne klok beleeft.

Zo zullen avondlijke etentjes bij de familie, chips en cola bij de film laat op de avond, een barbecue tot laat na zonsondergang, een hapje eten of een terrasje na een strandwandeling en naar vuurwerk kijken na middernacht … voor iemand met een eerder trage interne klok afgestemd op vroege uren eerder vreselijk zijn.

Terwijl dauwtrappen, rustig wakker worden, een goed ontbijt, op vaste tijden een wandeling en maaltijden, veel zekerheid en weinig prikkelrijk vertier met anderen … voor anderen net ideaal zijn.

Het zou veel zorgen voorkomen mochten we daar in de omgang met en de waardering van anderen wat meer rekening mee houden.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s