Zin in thee?

Op een gegeven moment krijg ik zin in een kop thee. Te midden de uitvoering van wat voor bereid is. In een niet zo blijde verwachting van het onverwachte. Zoals steeds bezig met noeste arbeid in ’t zweet des aanschijns. Zwoegend voor meer dan brood. Dringend nood dus aan een thee-pauze.

Hoe je thee zet, zegt veel over wie je bent. Hoe je thee drinkt nog meer. Maar welke herinneringen je hebt aan thee, dat zegt iets over je ervaring, je maturiteit, hoe je in het leven staat. Geen idee of het waar is, maar ik hoorde het voor ’t eerst van een psychotherapeut, die nadien jammer genoeg opgenomen werd voor een verslaving. Niet aan thee, helaas.

In de lobby van een statig vijfsterrenhotel

Ooit heb ik in een sollicitatiegesprek thee moeten zetten en het proces vervolgens analyseren. Of het voor human ressources analist was, assistent interne audit of payroll officier, of nog iets anders … weet ik niet meer. Wel dat functieomschrijving zoals gewoonlijk erg vaag was, volgestouwd met jargon en met veel hoge verwachtingen.

Als beginner moest je vloeiend vier talen spreken, minstens een jaar Erasmus-student zijn geweest, over de nodige ‘People skills’, volledig kunnen denken in de cultuur en structuur van de organisatie, innovatief en creatief kunnen denken en uiteraard over meer dan twee jaar relevante ervaring beschikken.

Verder stond er ook dat ‘niet serieuze kandidaten’ zich moesten onthouden. Toen ik telefonisch vroeg wat ze daarmee bedoelden, zei de dame aan de andere kant: ‘Oh, juffrouw, geen psychische gevallen, werklozen, moedertypes, oude venten, gehandicapten, migranten, Hollanders, harige slungels, wietrokers, Chinezen of Moslims … Maar u bent zeer welkom. We hebben graag vrouwen met een frisse uitstraling. En dat hoor ik meteen in uw stem. Schrijft u maar in.’ Ze hadden er ‘autisten’ niet bij vermeld, maar aangezien ik mezelf tot de Chinezen rekende (door mijn anders-zijn) vond ik het wijs om niet te zeggen dat ik autistisch was.

De selectiegesprekken gingen door in de lobby van een statig vijfsterrenhotel in het middeleeuws centrum van een toeristische stad. De koffie die ik er dronk, herinner ik me, kostte meer dan de heen – en terugrit met de trein. Natuurlijk zei ik niet dat ik met de trein was gekomen. Je moest immers over een auto beschikken (en uiteraard een rijbewijs). Ik was met de auto, en toen ze vroegen naar het merk zei ik het eerste dat ik me opkwam: ‘Een Volkswagen Golf Rabbit’. ‘Prima wagen’, klonk het tevreden aan de andere kant van tafel. ‘Oef’, dacht ik.

Thee zetten in een sollicitatiegesprek

Na een aantal ‘rondes’ (voorstelling, psychologische test, groepsdynamisch functioneren, vraagstuk) waren er van de tachtig kandidaten nog vijf over. Vier hyper competitieve types – ervaren vrouw in mantelpak, jongedame met jurk, jongeheer met jas & das, dertiger met hemd – en mezelf. In de laatste rond was de opdracht ‘zet voor de jury thee en analyseer uw proces’.

Later zou blijken dat geen van de juryleden kaas had gegeten van thee. Het was een realistische taak: in veel organisaties valt het belang van de taak in het niets vergeleken met dat van het proces.

Thee zetten was voor mijn medekandidaten zeker niet wat ze verwacht hadden. ‘Wie drinkt er tegenwoordig nog dat ‘sop’?’ gromde de dertiger met hemd toen we weer in de wachtruimte waren. Uiteindelijk bleek ik degene te zijn die wist hoe thee te zetten.

Korte analyse van de taak en het proces

Helaas speelde net dat in mijn nadeel. Bovendien verliep dat niet alleen te traag, te overwogen en te perfectionistisch, door mijn onhandigheid viel de thee (letterlijk) in het water (van het binnen tuintje) en het servies op de grond (het tapijt in de lobby).

In mijn korte bespreking achteraf wees ik ook op een aantal pijnpunten. Zoals de infrastructuur, de keuze van grondstoffen en instrumenten, de omkadering, de verwachtingen op vlak van timing, …

Concreet: het merk van thee was eerder aroma-arm gruis en geen hand geplukte blaadjes, de kwaliteit van de waterwarmer was er niet naar, het water was te hard en onrein, er ontbrak een geschikte ruimte om thee te zetten, en de staat van de theekan was erbarmelijk.

Toch was de metaforische en symbolische betekenis van het thee zetten voor de organisatiecultuur – en structuur was me niet ontgaan. De thee zelf was hier eigenlijk niet van belang. Het ging eigenlijk om een proces – en discoursanalyse en het blootleggen van mogelijke discoursconflicten door onbewuste en bewuste weerstanden, geïllustreerd door een toepassing van de theorie van de vijf denkende hoeden van De Bono.

De conclusie van de jury was even concreet als onthutsend eerlijk: ‘Mijnheer, mochten we de kans gehad hebben uw thee te drinken, zou ze niet te drinken zijn, want we lusten geen thee. Maar we hadden de kans uw analyse te lezen, en deze beantwoordt niet aan het profiel dat wij voor ogen hadden.”

Waar blijft thee in al die kookprogramma’s en kookboeken?

Mocht ik ooit een kookboek schrijven, zou thee zetten er zeker in staan. Meer zelfs, het zou een van de drie gerechten zijn. Naast tomatensoep met balletjes op mijn grootmoeders wijze en spaghetti Bolognaise à la tistje. Meer hoeft dat toch niet te zijn?

Op elk moment is er tijd voor een kop thee. Voor koffie zijn er maar een beperkt aantal momenten. Zoals ’s morgens vroeg, tegen de middag of vlak na de lunch.

Koffie maakt me erg zenuwachtig. Ook melk past niet altijd. Melk drink je naar ’t schijnt maar de eerste vijfendertig en de laatste twintig jaar van je leven. Van cola krijg je naar het schijnt slechte tanden. Water zou voor vogels zijn (of voor walvissen). Alcohol zou voorbehouden zijn voor barre tijden of voor verlaten zielen die het niet meer zien zitten. Roken is er voor mensen die diep in de put zitten of psychopaten na het uitvoeren van hun misdrijf. Maar van thee ken ik geen enkele cliché (al zegt dat natuurlijk meer over mij dan over thee).

Mijn theebibliotheek

Er zijn boeken vol geschreven over hoe je goed thee zet. Een aanzienlijk aantal daarvan, zo’n vijfenzestig, staat in mijn bibliotheek.

Met titels als Making tea: cultural nationalism in practice. Making tea as in making love: it’s in the hands. Psychotea: therapy and tea. Miss Hope’s Teatime Treats. The Six Thinking Hats Drink Tea. Le Thé, est-il la foundation de la clinique lacanienne? Empowerment für Autisten: die Kunst des Tee machen und 100 andere Lebensmittel die heilen en natuurlijk het wereldberoemde  這本書知道誰茶是一個真正的有神論者.

Verder staan er nog tal van dikke boeken rond de invloed van thee op het gezinssysteem, de communicatie en de intimiteit binnen de partnerrelatie, het welbevinden op de werkvloer, de op – neergang van de rente op spaarboekjes, het consumptiegedrag, een vlotte stoelgang op hoogbejaarde leeftijd, en de kans op hergeboorte.

Invloed van thee op de partnerrelatie

Zover gaan als beweren dat thee een grote invloed heeft op een partnerrelatie, zoals Professor Dr. H. Bouquet van de Universiteit van Causton (Groot-Brittannië), zou ik niet durven. Toch zou ik moeilijk overweg kunnen met iemand die vooral koffie dronk, of een hekel had aan thee. Een langdurige relatie met zo iemand zou toch wel gedoemd zijn om op de klippen te lopen.

Met een beetje inspanning kan het trouwens nog goed komen. Zo drinkt mijn vriendin geen thee – een jammerlijk genetisch defectje dat in haar familie rondwaart. Toch kan ze excellent thee zetten en ze accepteert mijn gebruik. Zoals ik haar gebruik van chocomelk en cola accepteert.

Voor alle duidelijkheid wil ik stellen dat ik mijn lief niet als thee dame zie. In de antropologische sectie van mijn bibliotheek heb ik met fascinatie gelezen dat thee zetten in sommige culturen onderdanigheid inhoudt en in andere culturen net een symbool van macht is. Er staan ook boeken waarin filosofen en sociologen fel van leer trekken tegen Westerse mannen die hun vrouw domineren door haar alleen thee en koekjes te laten opdienen. Van dat laatste wil ik mij op alle mogelijke manieren distantiëren.

Thee geeft het liefdesspel een extra dimensie

Het is trouwens een van de meest sensuele en zinnenprikkelende handelingen die er bestaan, thee zetten. Dr. Sanya Rashdie van de Nepal University Departement of Buddhist Intimacy stelt dat een thee ceremonie, met alles erop en eraan, het liefdesspel een extra dimensie geeft.

Want koffie zetten, daar is een koffiezet voor. Voor melk hoef je alleen de fles of het karton open te trekken (al is dat vaak een kunst). Met cola mag je gewoon niet schudden. Met bier komt het er vooral op aan ‘de kraag’ aan de rand te krijgen en niet te diep in het glas te kijken. En aan wijn ruik ik eerder, om het aroma op te nemen, dan te drinken. Maar thee is een langzaam proces vol sensualiteit.

Het is kenmerkend voor het verval van onze Westerse christelijk-joodse beschaving dat er geen enkel gerespecteerd kookboek het thee zetten opneemt. Ook zijn er weinig koks die er aandacht aan besteden. Af en toe gebruiken ze thee in een van hun gerechten. Zoals in thee gestoomde vis, camembert met thee of pannenkoeken met poeder van jus van groene thee. Maar thee zetten … dat komt niet aan bod.

Wat er zoal nodig is voor een heerlijke kop of pot thee?

Wat er zoal nodig is voor een kop thee? Allereerst tijd, verder structuur, maar ook geduld, uiteraard veel liefde, aardig wat begaafdheid (motorische, cognitieve, emotionele, spirituele), een beetje geld, verder ook een warmtebron, een ketel en … thee uiteraard.

Tijd is een belangrijk element. Ik heb stilaan geleerd af en toe tijd te maken om te zitten en rustig thee te drinken. Dat is lastig, want er is zoveel te doen, en mensen trekken voortdurend aan de mouw. Of daar komt alweer een sms’je van mijn vriendin vanop haar werk om dit en dat nog te halen in de supermarkt.

Maar op een vooraf bepaald moment, meestal rond 10h10, komt het signaal dat het tijd is, theetijd. Meestal een half uurtje, tot 10h41. Dat vergt moed, discipline, pit … kortom veel om niet geleefd te worden door de activiteiten, al dan niet door anderen opgelegd. Het kan natuurlijk ook niet altijd. Onderweg in de trein kan het niet, evenmin in vergaderingen (hoewel ik al eens thee vraag in plaats van koffie of water), of wanneer ik voor een klas sta te vertellen (hoewel er soms thee aangeboden wordt).

Is de tearoom wel echt een ‘room for tea’ of eerder een koffiekletskot?

Er komt toch wat bij kijken, mensen durven dat al eens onderschatten. Toch is het mogelijk op sommige congressen, in sommige organisaties en af en toe een bedrijf, thee van goede kwaliteit te vinden. Helaas is het water en al het andere van bedenkelijk allooi. In de horeca wisselt het nog meer. Het is bedenkelijk hoe kwistig omgesprongen wordt met de term ‘tearoom’. Consumentenorganisaties zouden daar echt eens werk van moeten maken.

Zelfs in zaken waar thee amper drinkbaar is, zelfs nog bedenkelijker dan in stationsbuffet, wordt de naam achteloos vermeld. In de eerste klasse van de Thalys of op de Oriënt Express zou de thee dan wel weer goed smaken, wordt mij gezegd. Ook in hotels hangt het er erg van af of de eigenaar een koffie – of theedrinker is. Zelf vraag ik bij reservaties altijd of ‘de baas’ thee drinkt. Als men mij dat niet kan zeggen, hoef ik daar niet te overnachten.

Er is echter verbetering op komst, onder andere door de thee-sommeliers en mystery shoppers om thee te proeven. Wat belangrijk is bij thee is de kwaliteit van de ketel (of verwarmingselement), het gebruikte water, hoe de ketel voorverwarmd wordt, de compositie van de thee, hoe en hoelang de thee wordt opgezet, hoe de thee wordt opgediend, … Het is een van mijn passies ermee bezig te zijn. Een passie die ik heb moeten begrenzen. Als ik wat meer begaafdheid had, was ik beslist thee-sommelier of theeverkoper of theejongen geworden. Maar ja … als mijn tante wieltjes had …

Drempels om goede thee te maken en autisme

In het proces van thee zetten stoot ik immers op een aantal elementen van mijn autisme. Waardoor het vaak niet zo goed afloopt. Om niet te zeggen noodlottig. Het begint al met de ketel opzetten. Of met de ketel zoeken. Waar stond die alweer? Niet op de juiste plaats. Iemand heeft thee gedronken, merk je, en heeft ze niet terug gezet.

Toen ik nog net alleen woonde, dacht ik : was mijn moeder in huis? Heeft ze niet aan de drang kunnen weerstaan de reservesleutel te gebruiken om te komen poetsen en opruimen? En heeft ze daarna een kopje thee gedronken? Nu weet ik dat ik het zelf was. Ik zoek de ketel en zet hem (is een ketel mannelijk?) op het gasvuur. Ik zou een elektrisch ketel kunnen gebruiken maar die is te duur, en de verhuurder vond gas beter.

De kwaliteit van de ketel

De ketel moet trouwens van goede kwaliteit zijn en beantwoorden aan de nodige specificaties. Een ‘normale’ ketel moet toelaten water te koken en eens het kookt een niet onaangenaam maar opvallend geluid maken. Verder moet de ketel ook esthetisch passend zijn. Er zijn talloze variaties van ketels – onder andere deze die de pot verwijten dat hij zwart ziet – maar slechts enkele zijn geschikt om thee mee te zetten.

Eens de ketel gevonden, en die op het gasvuur staat, steek ik het gasvuur aan. En ik schrik. Niet omdat ik ben vergeten de gasrekening te betalen. Hoewel dat zou kunnen. Wel omdat ik de ketel ben vergeten te vullen. Water koken zonder water in de ketel lukt niet zo goed.

De conditie van het water

Even later vul ik de ketel met helder water. Gefilterd van kalk, van lood, van alle mogelijke stoffen, behalve H²O. Dat zou mijn autisme immers nog kunnen verergeren, of voor tal van enge ziektes zorgen. Volgens de boekjes, de producenten van flessenwater, de Scientology Church en tal van websites. Hoewel het waarschijnlijk niet waar is, kan je toch maar best het zekere voor het onzekere nemen, denk ik.

‘Wat als het waar is dat onze kleine Jef toch door dat leidingwater autisme heeft gekregen?’ zei een bezorgde moeder gisteren nog tegen me. We stonden met elkaar te kletsen op de receptie na een voordracht over autisme die ik gaf op een school, naar aanleiding van de jaarlijkse receptie van het oudercomité. Ja moeder van Jef, wat als?

Volgens mijn kapster, Tatjana, Tatje van kapsalon Tau, zit dat leidingwater trouwens vol met resten van ‘poepoe’ en ‘pipi’, en zeker water van kerncentrales en grote bedrijven. Tatjana komt in Rusland en studeerde daar chemie. En ze kan goed thee zetten (en masseren, maar dat geheel terzijde).

De medicinale werking van whisky

‘En je hebt het al zo erg te pakken’ kreunt de grootvader van mijn vriendin in het rusthuis. ‘Ik drink alleen whisky, patersbier en wijn, dat is niet besmet met autisme, dat weet ik van voor de oorlog. Drink whisky, mijn jongen, en je zult weer helemaal ok zijn’. Wanneer doet een universitaire onderzoeksgroep ontwikkelingsstoornissen eens een onderzoek naar de medicinale werking van whisky op autisme?

Voor de zekerheid filteren wij dus toch maar ons leidingwater. We koken ermee en zetten er thee mee. Thee in drek gedrenkt, met zo’n vies vettig laagje erop, is ook niet erg smakelijk. We zouden ook flessenwater kunnen nemen, om thee te zetten, maar dat komt te duur uit. Tegelijk is dan ook het ecologisch dilemma tussen glazen flessen of petflessen uit de weg. Hoewel nu al stemmen opgaan dat gefilterd water ook mee autisme zou kunnen activeren, en zelfs veroorzaken. Door de toevoeging van een bepaalde reinigende vloeistof.

Wat als … er geen thee meer is?

De ketel staat intussen op het gasvuur. Het vuur is aan. Het helder water vertoont opborrelende druppeltjes. Ik grijp naar de gemalen thee in de kast. Dat gaat redelijk vlot want in mijn keuken hangen overal labels. Waar wat zit, kan je dus meteen zien, zonder de kast open te doen. Op dat moment merk ik dat er vandaag helaas geen thee meer is. Of minstens geen gemalen thee.

Wat is het alternatief? Even naar de thee-winkel? Naar de supermarkt? Of gewoon uitzonderlijk een builtje? Gemakshalve blijft het bij dat laatste. Want in het thee drinken is niet zozeer de thee, als wel de tijd het belangrijkste. De tijd om het builtje te laten trekken. De tijd om te genieten van het drinken. En de tijd om erbij te denken, te mijmeren en stil te staan. Als je tenminste het voornaamste niet vergeet … de thee.

Tot slot … wat als je je kop thee vergeet of uit het oog verliest?

Wat als je, zoals vaak gebeurt, de thee vergeet. Als je de elektriciteits – of gasrekening vergeet. Als je het water in de ketel vergeet. Als je de kop voor de thee vergat af te wassen. Als je het builtje vergat in de thee te droppen. Als je de builtjes vergat te kopen. Of als je aan je kop thee melk of zoetstof toevoegde maar vergat te drinken. Voor je het weet vind je drie dagen later een kop koude thee terug in de microgolf. Waarna je je afvraagt wat dat daar ook weeral deed. Op dat, magische, moment krijg je een ingeving en heb je plots zin in … een kop thee. (pdf)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s