‘Heeft Sheldon autisme of niet?’

“Heeft Sheldon autisme of niet? Mogen wij uw deskundig hierover?” Een lezer, die liever anoniem blijft, mailde me onlangs deze ‘prangende’ vraag. Een vraag die blijkbaar op talloze fora, (sociale) media en nieuwsgroepen leeft. Waar over de hele wereld druk over geblogd, gefascebookt en getwitterd wordt.

Talloze ‘draden’, meerdere terabytes zijn al besteed aan het gevecht tussen aanhangers van diverse theorieën rond de vraag: Heeft Sheldon Cooper, hoofdpersonage van de sitcom ‘The Big Bang Theory’, een vorm van autisme, meer specifiek de aspergervorm? Of is er eerder sprake van een persoonljkheidsstoornis?

De meeste televisiedeskundigen zijn het er in elk geval over eens: Sheldon vertoont heel wat trekken van autisme. Sheldon is vooreerst nogal wereldvreemd: (werkloos) theoretisch fysicus onderlegd in de snaartheorie. Daar kan je niet echt boterhammen met choco mee smeren.

Daarnaast blinkt hij uit in zijn bizarre sociaal gedrag en zijn egocentrische visie op alledaagse zaken. Hij doorziet geen sociale regels en heeft een grote behoefte aan structuur. Daarnaast reageert hij ook nog paniekerig wanneer er van (zijn) vaste patronen wordt afgeweken.

Jim Parsons, die Sheldon goed kent (hij speelt het personage), heeft aan een betrouwbare bron bevestigt dat Sheldon autisme zou kunnen hebben.Zelf had hij al wel eens over die stoornis gelezen. Bij elke Amerikaanse kapper ligt er immers wel een societyblaadje waarin altijd wel iets over Asperger of autisme staat te lezen.

Toch geeft de acteur toe dat hij de stoornis wel kende van naam maar niet wist waar het eigenlijk om ging. Toen Parsons de schrijvers van de Big Bang Theory, de geestelijke ouders van Sheldon Cooper, aansprak over zijn vermoedens, waren ze daar niet zo gelukkig mee. ‘We doen niet mee aan dat soort label-toestanden’, reageerden ze kortaf. Het verbaasde Parsons niet. Wie tegenwoordig mee wil zijn, wordt immers verondersteld zo te reageren.

Niettemin bleef hij nieuwsgierig verder zoeken naar wat er aan de hand kon zijn met Sheldon. Tot hij het boek ‘Look me in the Eye’ van John Elder Robison las. Andere boeken, zoals die in tistjes boekenrek, waren in de boekenwinkel in Hollywood immers niet meer beschikbaar. Het viel hem meteen op hoeveel gelijkenissen er waren met Sheldon. ‘Om te besterven’, reageerde Parsons meteen op Twitter.

Mocht Sheldon dus naar een van die diagnostische centra trekken om zich te laten testen, zou hij volgens ingewijden meteen zo’n erkenning meekrijgen. Sheldon zelf wou daarop geen commentaar geven. Volgens zijn interactief antwoordapparaat spreekt hij alleen met media als het over relevante wetenschappelijke thema’s gaat zoals de snaartheorie of een of andere wet in de theoretische fysica.

Volgens Penny, zijn blonde overbuurvrouw, zou Sheldon zich echter nooit durven laten testen. Ik krijg nog eerder een job in het CERN in Genève, liet ze zich ontvallen. Sheldon is immers behalve autistisch ook hoogbegaafd en onredelijk eigenwijs.

Bovendien zou zijn diagnose het programma ook in een heel ander daglicht stellen en vermoedelijk het einde van zijn carrière betekenen. Of het, zoals gebruikelijk bij personages, ook zijn dood zou zijn, is te betwijfelen. Sheldon Cooper kent immers heel wat aanhangers in de duistere krochten van het internet, die hem onderdak zouden geven.

Commercieel zou het de Big Bang Theory ook zeker geen goed doen. Ook de vele conflicten die Sheldon heeft, net als andere hoogbegaafden met asperger, zouden heel anders bekeken worden. Zijn aseksuele trekken, betweterij, de ruzie met zijn baas, zijn ontslag … het zou allemaal in een ander daglicht komen te staan.

Het programma zou ook niet gebaat zijn te ernstig of te klinisch correct te worden. Het is leuker voor de tv-kijker hem als bizar te zien in plaats van hem te zien worstelen met een autistische stoornis. Maar wat er ook van zijn, Sheldon is niet zozeer hoogbegaafd – anders was hij wel erg saai – maar zijn autistische trekken maken hem buitengewoon hilarisch. Of het uiteindelijk nog allemaal goed komt met Sheldon … niemand weet het.

1 Comment »

  1. Los van het Sheldonvraagstuk, waar ik overigens niet veel van weet, blijft het maatschappelijk altijd relevant de vraag te stellen: is het pervasief en verstorend? Je kan kenmerken hebben zo veel je wil, maar is een ‘stoornis’? Dat ook weer los van of we autisme als een stoornis/gebrek met alle negatieve connotaties van dien moeten zien.

    Kort door de bocht: ‘anders zijn maar niks hinder ondervinden’ mag je autisme noemen maar is het m.i. niet zoals het nu beschreven wordt. Als we van autisme een persoonlijkheidstype maken, zou dat weer anders zijn uiteraard.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s