Wereldknuffeldag

Twee knufels

In de omgang met mensen vertrek ik meestal op veilige afstand. Morgen, op Wereldknuffeldag, zou dat dus een probleem kunnen vormen. Al hoeft dat natuurlijk niet zo te zijn. Elke dag is er wel het een of het ander dat om speciale aandacht vraagt. Als het niet het vleesarme leven is, dan wel het fierljeppen, de eenhoorn uithangen of autisme herdenken.

Op Wereldknuffeldag is het evenwel de bedoeling elkaar eens ‘goed vast te pakken’. Doen mensen met autisme daar ook aan mee? Die vraag kwam gisteren al in mijn mailbox. Een gekke vraag, want zeg nu zelf, is er überhaupt nog iets waar mensen met autisme niet aan meedoen tegenwoordig? Maar goed, ik neem zulke vragen meestal persoonlijk op, en antwoordde: ‘Over al die andere autisten kan ik niets kwijt, maar deze autist doet er alvast niet aan mee.’ (In mijn haast was ik zowaar vergeten dat ik nog mens ben ook)

Wereldknuffeldag gaat aan mij voorbij omdat knuffelen voor mij iets speciaal is. Daar is geen werelddag voor nodig, en ik doe het zeker niet met iedereen. Ook een kus geven of een handruk vind ik niet zo prettig, maar het kan meestal nog net.

Al geef ik lang niet iedereen een hand of een kus. Sommige dagen ben ik niet ‘kusbaar’, en sommige mensen stoten me op een of andere manier zo af dat ik ze liever geen handdruk geef. Gewoon een kwestie van hygiëne of omgangsvorm, als u geen kus of hand krijgt … dan ligt dat vooral aan mij. Een slechte dag, een verkoudheid, mijn wangen net ingesmeerd met crème … ik doe het voor uw bestwil.

Met knuffelen en andere kussen dan wang – of handkussen ligt het iets anders. Een knuffel geeft mij ontzettend veel prikkels, waardoor ik overweldigd kan raken. Niet bij knuffels, daar knuffelen mijn vriendin en ik dan ook dagelijks mee. Om tot rust te komen, of om op ideeën te komen. Zoals andere mensen foto’s hebben staan.

Mensen knuffelen, dat ligt bij mij toch heel wat moeilijker. Mensen zijn doorgaans complexer, en dragen als een komeet een sliert met vaak verwarrende prikkels met zich mee. Hoewel dat bij de een al meer is dan bij de andere. Mensen die parfum en/of make-up gebruiken, kledij uit kunststof dragen of corpulent of fijn van gestalte zijn, zal ik bijvoorbeeld niet zo gauw knuffelen. Dat voelt zo slecht aan dat ik direct zin heb om mijn vel af te stropen, al krabbend of met iets scherps. Of ze kondigen hun knuffel niet aan en grijpen me bij wijze van spreken vast. Dus: als u niet wil dat ik u ooit zal knuffelen, kan u flink veel parfum gebruiken, kledij met flink wat statische elektriciteit dragen, mij proberen vast te pakken of gewoon veel bijkomen of veel afvallen.  Bij wat magerder mensen ben ik vooral bang dat ik hen te hard knuffel, bij wat dikkere mensen dat ik geen adem meer krijg.

Knuffelen vergt voor mij ook een flink vertrouwen in de andere persoon. Ik leg mezelf voor een moment letterlijk in de handen van de ander, en maak een ogenblik lichaamscontact. Van alles wat niet voorspelbaar is, kan gebeuren. Dat de ander doodvalt in je armen, dat je struikelt en op de ander op de grond valt, dat je ergens aan een knoopje blijft haken …

Bovendien is het nooit echt duidelijk hoe lang je iemand mag vasthouden bij het knuffelen. Als mijn vriendin en ik knuffelen is dat nog geen probleem, dat is tot zij mij loslaat. Maar als iemand anders mijn een knuffel geeft, of ik de ander, weet ik het niet. Net zoals ik er bij het kussen ook nooit aan uit geraak … twee of drie keer, links of rechts beginnen, ook bij mannen of alleen bij vrouwen, een plofkus of een smakkerd … gek wordt ik ervan. Voorlopig hou ik het op een combinatie van imitatie van wat anderen doen en me niet druk maken als ik het fout doe.

Of mensen met autisme in het algemeen niet knuffelen, zou ik niet kunnen zeggen. Ik doe het in elk geval alleen met wie ik vertrouw, wie mij aangeeft dat hij of zij me een knuffel geeft, bij wie knuffelbaar of kusbaar is, en het liefst bij vrouwen dan bij mannen. Ik geef wel eens een knuffel aan mijn moeder – al is dat vrij zeldzaam. Verder ben ik met mijn vriendin echter heel knuffelachtig.  Het maakt niet echt  uit waar, wanneer en hoe.

Niet zozeer omdat er oxycotine zou door vrij komen, de bloeddruk zou verlagen, het seksleven ten goede zou komen, mijn pijngrens zou verhogen, en een hulpmiddel zou zijn tegen angst. Gewoon als wijze van graag hebben, als ze het vraagt bij wijze van troost en als bemoediging.

Die gezondheidseffecten gaan wellicht aan mij voorbij. Ik heb al een vrij lage bloeddruk, en ik zou flauw vallen mocht ze nog veel dalen. Mijn pijngrens is al hoog, tenzij dan bij geknuffel van mensen die mij niet kennen. En die angst … die is vooral toch voor mensen die de Wereldknuffeldag te letterlijk zouden opvatten en mij morgen gaan vastpakken. Al kan u mij of wie u graag hebt natuurlijk ook een virtuele knuffel bezorgen. Of een echte, maar wel eerst duidelijk vragen of u de andere daarmee een plezier doet, beloofd? Klara en Fluffy wensen u alvast een leuke Wereldknuffeldag 2016 toe!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s