Het wonderkind en zijn autistische neefje …

The prodigy's cousin

Hebben mensen met autisme buitengewone talenten? De ene zal knikken, en een voorbeeld geven van hooggevoeligheid, of van het fascinerende geheugen voor bepaalde dingen die de meeste mensen ontgaan. Ook de passie voor en de overspecialisatie in niet alledaagse thema’s of bezigheden een aanleiding zijn om iemand buitengewone talenten toe te schrijven.

Toch is het volgens veel mensen ook weinig waarschijnlijk dat er een verband is tussen autisme en buitengewoon talent. Mensen met autisme hebben een wisselende mate aan talenten en mogelijkheden, zoals ieder mens, maar dan in combinatie met autisme, dat daarop meestal beperkend inwerkt.

In The New York Times verscheen over dit thema vorige week een opinieartikel van de twee auteurs van een pas verschenen boek hierover: ‘The Prodigy’s Cousin: The Familiy Link between Autism and Extraordinary Talent’. Dat gaat dieper in op wat ‘prodigy’s’ of wonderkinderen zijn, op hun empathie en het mysterie rond hun mogelijkheden (en soms ook beperkingen).  Het boek zelf heb ik niet gelezen, het is nog maar pas uit, maar het artikel leverde alvast stof tot nadenken.

Zoals de titel van het boek, en het artikel, stelt gaat het over wonderkinderen of predolescenten die al op jonge leeftijd op gebied van kunst, wetenschap of sport op volwassen niveau functioneren.  Als ik de term wonderkind hoor, denk ik meteen aan Amadeus Mozart, en de romantische tragiek van diens leven. Sommige mensen worden er evenwel door gefascineerd en hopen stilletjes dat hun kind of een kind in hun familie zo’n wonderkind is. Wonderkinderen hoeven overigens niet hoogbegaafd of hooggevoelig te zijn, al kan een combinatie daarvan wel voorkomen.

Toch is de term volgens mij vooral omringd door veel vragentekens en het nodige mysterie. Er is immers geen test, methode, screening of vragenlijst om uit te maken of iemand een wonderkind is. Meestal stelt dat ook geen probleem. Tenzij de buitengewone mogelijkheden samen gaan met onverklaarbaar en storend gedrag. Of wanneer het wonderlijke als bedreigend wordt gezien.

Er lijkt op het eerste gezicht geen aanleiding om over buitengewoon talent bij mensen met autisme te spreken. De meeste mensen met autisme zijn gewoon, of zouden dat heel graag willen zijn. Zogenoemde wonderkinderen hebben, voor zover geweten, ook zelden autisme. Er zijn gevallen bekend van wonderkinderen die de diagnose op zeer jonge leeftijd kregen, maar die zouden ‘eruit zijn gegroeid’.

Er zijn weliswaar bepaalde aspecten die wonderkinderen en mensen met autisme gemeen hebben. De bijna onstilbare passie voor een afgebakend interessegebied bijvoorbeeld. Een buitengewoon geheugen ook, al zouden dat bij wonderkinderen vooral een buitengewoon werkgeheugen zijn. Ook hun oog voor details, en van slag geraken als daar iets in verandert, zouden ze delen. Er zou volgens de auteurs zelfs aanleiding zijn om te geloven in een genetische link tussen wonderkinderen en autisme.

Misschien, stellen de auteurs, hebben wonderkinderen een erg specifieke en ongewone vorm van autisme. Waarbij ze veel van de kwaliteiten hebben die met autisme geassocieerd worden maar slechts enkele van de beperkingen. Toch willen de auteurs geen valse hoop scheppen, want ‘zeker niet alle mensen met autisme zijn genieën’. Volgens hen kunnen wonderkinderen en mensen met buitengewone talenten ons wel iets leren van autisme, omdat ze minstens verwant zijn en heel wat gemeen hebben.

Meestal lees ik dit soort opinie-artikelen niet. Vaak is het een verkapte reclame, of gewoon een ballonnetje dat wordt opgelaten. In dit geval sprak de romantische of misschien zelfs romaneske notie van wonderkinderen mij aan. Wat mij vooral opviel in dit artikel was het ontbreken van enige onderbouw, vermits de auteurs enkel hun eigen studies en artikelen citeren, en dus ook enige geloofwaardigheid. Wat voor mij blijft hangen is de fascinatie, waarom sommige mensen nood hebben aan wonderkinderen, de nadruk op het buitengewone (creatief of anderszins) en het menselijke van kind of mens niet volstaat. Misschien is het al te menselijk, of misschien is het net het tegendeel, het tekort aan verwondering voor alles in ieder mens.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s