‘Ik kan me niet aanpassen, zeggen ze’ … autisme en aanpassingsvermogen

Met het nieuwe jaar komt er ook een stroom nieuwe vragen binnen in mijn mailbox. Jonathan, man (25) met autisme, heeft het moeilijk als mensen hem zeggen dat hij te weinig aanpassingsvermogen heeft. Hij voelt dat aan als een verwijt, maar vraagt zich tegelijk ook af wat dat eigenlijk betekent, wat mensen in het algemeen ermee bedoelen als ze zoiets zeggen. Wat zou ik daar bijvoorbeeld onder verstaan, vraagt hij me. En is daar iets aan te verhelpen?

Volgens mij, Jonathan, hebben de meeste mensen een zekere vorm van aanpassingsvermogen, maar hangt dat af aan de mate waarin je nieuwe informatie kan betekenis geven en hoe veranderende omgevingen overkomen. Ik zou het niet steeds als een verwijt zien als mensen me zeggen dat ik me moeilijk kan aanpassen, omdat dit ook afhangt van wat de ander als aanpassingsvermogen ziet, en van de verwachtingen en het beeld dat die persoon heeft van mij of van wat er zou moeten gebeuren. Het is wel een signaal dat die ander(en) (terecht of onterecht) meer inspanningen verwachten.

Van mezelf ga ik zeker niet beweren dat ik een talent heb op vlak van aanpassen. Zeker niet als het gaat op organisatorisch vlak. Als er iets afgesproken is, hou ik eraan dat het zo blijft. Enkel een heel goede reden of verklaring, die voor mij logisch overkomt, kan me van koers doen veranderen. Bij plotse veranderingen zonder goede reden of logische verklaring heeft het meestal te maken met beperkte voorbereiding. Je kan je dan afvragen wie er zich moeten aanpassen: degene die het goed heeft voorbereid of degene die erin vliegt.

Dat ik relatief minder aanpassingsvermogen heb, schrijf ik niet volledig toe aan mijn autisme, maar eerder aan mijn talent om standvastig en loyaal en met veel doorzettingsvermogen op koers te blijven bij de uitwerking van ideeën. Waar ik wel moeite mee heb is dat talent te vertalen naar elke nieuwe context, en elke verandering in die context, dus om telkens mijn beeld van wat er gebeurt te veranderen, en daarnaar te handelen, zodat anderen er ook iets aan hebben.

In de loop der jaren heb ik op talloze manieren geprobeerd mijn aanpassingsvermogen op te krikken. Door meer onvoorspelbare omgevingen op te zoeken, door iets te doen aan de emotionele last die ik me meedroeg, door proberen meer zelfvertrouwen te kweken, door rustiger van aard proberen te worden, door verantwoordelijkheid te leren opnemen enzovoort.

Het heeft me geen windhaan gemaakt, voor mij het symbool van een extreem flexibele mens, maar het heeft wel gezorgd dat ik in veranderende situaties voor korte tijd toch redelijk kan functioneren en mezelf niet in moeilijkheden breng.  Dat kan soms misleidend zijn voor mensen die me net in die situatie ontmoeten, en niet zien dat ik nadien niets meer kan doen.

Nadien val ik immers inactief door overprikkeling en val ik terug op een niveau van minimaal functioneren, waarbij sociale – en soms ook andere vaardigheden wegdeemsteren of uitvallen. Naarmate ik ouder wordt, en mijn recuperatievermogen vermindert, is het dus belangrijk me zelf af te vragen (want anderen kunnen dat niet) in welke situaties en in welke mate ik me precies ga aanpassen.

Als iemand je zegt dat je weinig aanpassingsvermogen hebt, Jonathan, vind ik, zonder jouw specifieke situatie te kennen, dat ze beter moeten kijken. Meestal zien mensen die dat zeggen niet welke aanpassingen je wel al doet, om het hoofd te bieden aan alle (onopgemerkte) veranderingen die zich elk moment voordoen. Het is volgens mij beter te vertrekken van welke aanpassingen je wel al doet, dan deze die er nog niet zijn. Volg je hun focus op wat er niet is, dan zou je ook kunnen zeggen dat zij zich niet aanpassen aan jouw aanpassingsvermogen, en daar schiet niemand mee op. Kortom, het is een zaak van het midden vinden, elkaars beperkingen en talenten zien, niet het onmogelijke verlangen en zorg voor elkaar dragen.

 

2 Comments »

  1. Met een beetje moeite en inzet lukt veel, echter wat ik belangrijk vind is goed te communiceren en duidelijk zijn in waar echt je grenzen liggen.
    Dat is voor iemand met autisme nu eenmaal eerder in de meeste gevallen dan iemand zonder autisme.

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s