‘Ik was sowieso al een buitenbeentje”: autistische mensen van kleur en de blinde vlek in de autismegemeenschap

Foto van Leftfield Corn op Unsplash

Als witte, hoogopgeleide man met een officiële diagnose en een enigszins bevoorrechte Europese achtergrond, besef ik dat ik niet neutraal naar de wereld kijk. Mijn achtergrond kleurt wat ik zie en wat ik begrijp. Hoewel ik als autist vaak drempels ervaar, is het huidige systeem wel gebouwd rond lichamen en levensverhalen zoals het mijne.

Het stereotype is gekanteld maar blijft wit

In 2026 is het stereotype niet langer zoals vroeger. Het is geëvolueerd naar een gelaagd maar gepolariseerd beeld, waarbij de focus is verschoven van de witte, jonge, mannelijke savant naar de uitgeputte, piekerende, en sterk maskerende middenklasse witte vrouw.

In de hulpverlening vallen tegenwoordig vooral atypische, genderfluïde mannen, cultureel divergente personen en mensen uit kansarme sociaal-economische contexten uit de boot. Autisme wordt steeds vaker gezien als een product van een witte vrouwelijke intellectuele elite. Hoewel autisme in elke bevolkingsgroep voorkomt, wordt het buiten deze “witte” norm minder snel herkend.

Wanneer ‘anders zijn’ alleen door afkomst wordt verklaard

Onderzoeker Imane Kostet (Universiteit Antwerpen) ontdekte in haar studie “As a Person of Color, I Was a Misfit Anyway” dat veel gemarginaliseerde volwassenen hun “anders zijn” volledig verklaren door hun minderheidspositie.

Als je constant te horen krijgt dat je er niet bij hoort vanwege je huidskleur of religie, zoek je de oorzaak van je uitputting of sociale moeite in racisme en uitsluiting. Er blijft dan simpelweg geen mentale ruimte over om aan autisme te denken. Voor hen was het gevoel een buitenbeentje te zijn al volledig ingevuld door hun ervaringen met uitsluiting. Hierdoor blijft autisme onzichtbaar: racialisering verklaart voor hen alles en verbergt daardoor het autisme.

De DSM en de erfenis van het verleden

Het onderzoek naar autisme is heel lang een “wit” domein geweest. Het handboek voor psychiatrie, de DSM, laat dit duidelijk zien. Tot 2013 stonden er zelfs “cultuurgebonden stoornissen” in die zogenaamd niet voorkwamen in de witte cultuur.

Omdat vroeger vooral witte middenklassegezinnen onderzocht werden, bepaalden hun ervaringen de officiële kenmerken. Filosoof Ian Hacking noemt dit looping effects: de manier waarop we groepen indelen, beïnvloedt hoe die mensen zich gedragen, wat vervolgens de regels weer verandert. Zo werd overgevoeligheid voor prikkels pas laat een officieel kenmerk in de DSM-5.

Maskeren achter een culturele muur

In de hulpverlening wordt context vaak te simplistisch bekeken. Veel hulpverleners denken dat iemand uit land X altijd opvoeding Y heeft gehad, of benaderen deze mensen vanuit een misplaatst exotisme.

De werkelijkheid is dat mensen opgroeien met een mix van invloeden. Neem bijvoorbeeld oogcontact: een kind dat volwassenen niet aankijkt, kan dit doen door autisme, maar in veel culturen is dit juist een teken van diep respect.

Ook “maskeren” speelt een grote rol: het camoufleren van je eigen aard om erbij te horen. Mensen van kleur moeten vaak navigeren tussen verschillende codes: die van hun familie, hun gemeenschap en de witte meerderheid. Ze kunnen hun sociale moeite toeschrijven aan het feit dat ze de enige niet-witte persoon in een groep zijn, waardoor de diagnose autisme buiten beeld blijft.

Een roep om rechtvaardigheid en verandering

Onderzoek toont aan dat mensen uit minderheidsgroepen vaker verkeerde labels krijgen, zoals gedragsstoornissen of psychose. Bij zwarte volwassenen worden meltdowns bovendien vaker gezien als agressie, waardoor ze eerder bij de politie of jeugdzorg belanden dan bij de juiste hulpverleners.

Expert Birsen Basar, zowat de belangrijkste stem in deze thematiek in ons taalgebied, benadrukt dat deze groep “dubbel of drievoudig onzichtbaar” is door taboes, taalbarrières en hun eigen onbewuste vooroordelen.

We moeten daarom dringend actie ondernemen:

  • Erken de eigen cultuur: We moeten beseffen dat onze witte diagnostische normen ook een cultuur zijn en geen objectieve standaard. Hulpverleners moeten dringend leren reflecteren op hun exotisme, en misplaatste clichés in de benadering van mensen vanuit andere culturen.
  • Diverse representatie: De beelden in media en folders moeten veel diverser. Zolang we alleen witte jongens en vrouwen in autismefolders tonen, blijft autisme onherkenbaar voor velen.
  • Review van dossiers: We moeten oude dossiers opnieuw durven bekijken van volwassenen die vastlopen met labels als “complex trauma” of persoonlijkheidsstoornissen, die door een cultureel, leeftijdsgebonden of contextuele vooroordelen of bias verkeerd geïntepreteerd zijn.
  • Structurele training: Er is nood aan anti-racisme en bias-training voor hulpverleners en andere deskundigen die specifiek is toegesneden op autisme-diagnostiek en hulpverlening.

Het is onze gezamenlijke taak om dit systeem te veranderen. Het principe van Ujima — collectieve verantwoordelijkheid — herinnert ons eraan dat dit geen niche-probleem is. Als jouw verhaal wel in het huidige plaatje past, heb je de plicht om te helpen dat plaatje groter te maken. We moeten luisteren naar autistische mensen van kleur en hen de ruimte geven om evenwaardige partners te zijn in de beeldvorming, onderzoek en articulering van wat autisme werkelijk betekent.

2 Comments »

  1. Nog een heel interessant bericht en terechte oproep.
    Mijn werk is er precies op gericht om taboes en bestaande misvattingen te helpen doorbreken.
    Mijn doel: de zoektocht naar eerlijke, gefundeerde informatie ondersteunen en op die manier bij te dragen aan het streefdoel van betere inclusie.

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *