Toch was het pas eind mei … autisme en herinneringen

Het leek wel zomer, toch was het pas eind mei. Het zal sommige mensen bekend in de oren klinken. Het begin van een oud liedje, net geen halve eeuw oud. Ik hoorde het onlangs op de radio, niet gezongen maar in tekst verteld. Sommige liedjesteksten klinken volgens mij net iets beter als ze gebracht worden. Zeker als ze een emotionele lading mee dragen.
In mijn hoofd heb ik een hele platenkast met een verhaal aan elk nummer, soms een enkel beeld, soms flink wat volgeschreven vellen. Sommige van die herinneringen beleef ik graag terug, andere zou ik het liefst gewist zien. Die van ‘het werd zomer’ gaan over mijn tijd op kamers/kot (of op een studentenstudio in mijn geval) toen het meisje dat naast mij op studio zat eindeloos het liedje draaide. Intussen is ze vast een prima boekhoudster geworden, ze studeerde accountancy. Al toen ze studeerde, reed ze in een flitsende witte Mercedes, terwijl ik elk weekend ruim een uur op de trein zat naar huis. Om maar het verschil in levensvisie te schetsen.
Helaas ben ik erg goed in onthouden. Vooral in details en momenten, die ik daarna te pas en te onpas voorgeschoteld krijg door mijn verstand. Telkens zo’n liedje, om het even waar ik ben, gespeeld wordt, komt dat beeld, goed of slecht, dan naar boven. Dat vind ik best wel vervelend, ook als het een goede herinnering is, omdat het mijn aandacht verstoort waar, met wat of met wie ik op dat moment mee bezig ben. Meestal weten de mensen waar ik op dat moment bij ben dat niet. Ze vragen soms wel eens wat er aan de hand is, maar ik heb op dat moment geen zin om at te vertellen. Voor hen is dat vaak gewoon een achtergrondmuziekje. Dat benijd ik wel aan hen, dat er zoiets is als een achtergrond. Die van mij zijn ze bij de fabricage vergeten te installeren.
Of het in mijn geval al zomer is geworden, is een vraag die ik wel eens krijg, meestal schoorvoetend, bij pot en pint tijdens het napraten na een lezing.. In het liedje zelf blijkt de tekst duidelijk, de ervaring heeft de jongen tot man gemaakt. Ik zie het iets genuanceerder. Voor mij betekent man zijn iets meer, zoals verantwoordelijke keuzes maken, liefdevol zijn, zelfstandig denken en zelfkennis, en is het geen eindig iets. Dat antwoord is meestal niet echt wat mensen verwachten maar dat hoeft ook niet voor mij. Dan moeten ze maar letterlijk vragen of ik al seks heb gehad. Maar dat maakt het nog geen zomer voor mij, op dat vlak is het nog pas eind mei.
Als ik de media volg, lijkt het ook wel zomer maar toch is het pas eind mei. Soms vraag ik me af of ik niet eens naar de radio zou bellen om hen te zeggen dat een gevoel nog niet het seizoen maakt. Er zijn al zomerse wedstrijden, zomerse tunes, zomerse uitstappen. Terwijl het nog ruim twee weken lente is. En dat is precies een van mijn favoriete seizoenen, na de herfst. Ik mompel wel eens ‘het is nog lente’ in de krantenwinkel als ik het hoor, en dan schiet de krantenman die mij kent wel eens in de lach. “Just es just’ mompelt hij dan terug. Vrij vertaald als “juist is juist’ voor al wie het Vlaams nog niet machtig is.
Als het zomer wordt, hou ik me al vast, hoop ik dat mijn ‘cyclische majeure depressie’ weer niet opsteekt, en dat het, zoals K3 weleens zingt, “een lieve, mooi zomer wordt”. Helaas hebben mijn zomers meestal geen zin, in lief en mooi zijn. Ze hebben meer de neiging om weerbarstig, wreed, tergend langzaam en vervelend te zijn. Een teen ontsteekt, een oog valt uit, een oor tuut, een hand trilt … noem het maar op. En dan is iedereen natuurlijk in vakantie. Maar goed, we zijn zo goed mogelijk voorbereid. Toch blijf het een beetje bang afwachten. Ook al heb ik intussen duizend-en-dingen in mijn ‘verveeldoos’ zitten, een doos met niet al te dure activiteiten die ik op mijn eentje en soms met anderen kan doen. Voor mij mag het gerust nog wat lente blijven dus. Of begin maar alvast aan de herfst. Ook al besef ik dat ik me daar niet populair mee maak.