(Niet) normaal … een persoonlijk verhaal

Normaal doen. Voor velen is het een talent. Sommige mensen slagen er zo goed in dat ze zich zelfs spielereien met het tegendeel kunnen veroorloven. Er zijn echter ook mensen die de kracht normaal te doen langzamerhand of in één keer verliezen. Of er zijn mensen in hun omgeving die merken dat ze niet meer toe in staat zijn. Een laatste groep, waartoe ik mezelf reken, zal het helaas nooit volledig kunnen. In het beste geval bij benadering, door simulatie, als een évolué. Voor een aanzienlijk deel geassimileerd maar toch vreemd in het vel. Als maatpak-autist, maar meestal met vuile handen en in werkkledij voor het dagelijks wroeten.

De oproep van Vrij Nederland over wat (niet) normaal is

Het magazine Vrij Nederland vroeg haar lezers onlangs te beschrijven wat zij verstonden onder ‘normaal’. Een selectie daarvan verscheen in het meest recente nummer. Fascinerend om te lezen, vooral omdat er, niettegenstaande de heel diverse invalshoeken, toch een duidelijke rode draad door de teksten loopt.  Over het algemeen zijn de lezers het eens over wat normaal is.  Zelfs de gebruikelijke dwarsligger weet waar de grens ligt in elke context. Zonder dat daar een zesde zintuig of bijzondere gave aan te pas komt. Er wordt zelden over nagedacht, het zit in het bloed en in de genen, en er zijn verhalen, symbolen en recepten voor. Ook voor het geval iemand opduikt die het aanvoelen van grenzen niet of in mindere mate heeft.

Voor zover die niet genegeerd kan worden, verdient die aandacht. In eerste instantie medische aandacht. Zoals bij pijn, een hart – of polsslag die zich niet laat verklaren. Omdat het eerder weinig voorkomt of uitzonderlijk is. Gevolgd door aandacht voor het gedrag en de persoonlijkheid die anders is dan verwacht.

In mijn ervaring wordt een mens niet als normaal gezien als je beperkingen hebt in de realistische waarneming van de werkelijkheid, in de controle over je eigen gedrag, in het gevoel van zelfwaardering en het gevoel door anderen om te gaan, en als je in beperkte mate bent je capaciteiten met een zeker enthousiaste om te zetten in productieve activiteit.  Bij de meeste mensen lukt dat vrij aardig, sommigen breken zich zo hun hoofd over dat ze gek worden (zoals Freek de Jonge) en bij een kleine minderheid is dat moeilijk tot niet bereikbaar.

Als je normaal bent, gedraag je je normaal. Als je abnormaal bent, gedraag je je abnormaal. En als iedereen zich abnormaal gaat gedragen, dan is dat … En als je daar teveel over nadenkt, word je gek” (Freek de Jonge, in zijn programma ‘Over de grens’, januari 1999)

Niet normaal zijn hoeft niet noodzakelijk meteen op een probleem, last of lijden als gevolg van een individuele stoornis te duiden. Het kan ook een reactie zijn op een onvoorspelbare of abnormale wereld of omgeving. Het kan ook excentriek of onverwacht overkomen voor buitenstaanders. Zoals abnormaal goed zijn in iets. Of zoals iets abnormaal ervaren of abnormaal sterk ruiken, horen, zien of voelen. In die zin kan het tegenovergestelde van abnormaal ook ordinair of gewoontjes zijn. Of ongevoelig zijn voor het een en ander.  Soms is ordinair zijn een onmisbare kwaliteit, soms is buitengewoon zijn iets dat je veel vooruithelpt.

Alles is altijd juist, en anders vraagt het nog wat tijd 

Al vroeg in mijn leven bleek normaal zijn voor mij niet haalbaar.  Wat aan de basis ligt daarvan, wie ervoor verantwoordelijk is, waar het allemaal is begonnen, hoe het zal evolueren, wanneer die evolutie zal plaatsvinden en vooral de waarom-vraag zijn vooral vragen die andere mensen interesseren. Zelf ben ik eerder geïnteresseerd wat ik ermee kan doen, met wie ik ervaringen kan delen om verder te komen, waarom er niet geluisterd wordt, wanneer ik mijn inbreng kan doen en waar de uitgang is van mijn niet normaal zijn.

Natuurlijk ben ik niet de enige voor wie normaal zijn en doen niet haalbaar is gebleken. Ik heb geen nood aan een sneeuwvlokjesidentiteit, integendeel zelfs. En ja, ik heb geluk gehad, zoals sommige mensen mij steeds vertellen. Ik kan immers nog enigszins proberen normaal te doen. Slechts in een beperkt aantal contexten. Slechts bepaalde voorwaarden. Maar het lukt me voorlopig nog. Me normaal voelen lukt helaas niet meer. Al kan medicatie daar voor een stuk een mouw aan passen.

Veel mensen waar ik de afgelopen jaren in contact mee ben gekomen, lukt normaal doen benaderen vaak niet (meer). Daar kunnen ze vaak niets aan doen.  Je kan nu eenmaal maar roeien met de riemen die je hebt. Of zoals schrijfster Dominique Dumortier het mooi uitdrukt: ‘Alles is altijd juist. Als het nu nog anders voelt, vraagt het enkel nog wat tijd’. 

Een toenemende angst voor later …

Die tijd gebruik ik om onderweg in mijn leven zoveel mogelijk te leren. Wat nog niet goed voelt, laat ik nog wat rusten. Ik probeer me voorts te focussen op wat wel goed gaat. Hoewel ik de ongeschreven regels niet aanvoel en niet erin slaag ze te leren en toe te passen, kan ik de geschreven regels wel enigszins leren. Ik laat het aan anderen over om ze ter discussie te stellen, zoveel energie heb ik niet.

Daarnaast probeer ik zoveel mogelijk anderen te observeren en te imiteren. Mits de nodige training en blijven verfrissen, slaag ik er daardoor in betrekkelijk normaal over te komen. Dat zien voorbijgangers natuurlijk niet. Tenzij voor wie zich blind staart op mijn asymmetrische lichaam, spreken en stappen.

Natuurlijk kost dat energie, die met de jaren helaas afneemt. Daardoor neemt bij mij de angst toe hoe er later met mijn ‘abnormaliteit’ zal omgegaan worden. Op momenten dat ik het zal duidelijk worden hoe ik ben. Iemand die er niet in slaagt de ongeschreven, vage of dubbelzinnige regels in nieuwe contexten en situaties juist te interpreteren.

Een blijvende fascinatie voor regels

Als mensen me soms vragen hoeveel normale mensen er zijn, hou ik vooral rekening met dat laatste soort regels. Hoe je de vuilnis buiten zet. Hoe je iemand je deelneming betuigt bij een begrafenis. Hoe je iemand op straat de weg vraagt. Hoe je iemand troost bij een ziektebed. Hoe je iemand graag ziet en vergeeft. De mysteries van het leven, kortom.

Ik weet natuurlijk wel dat zoiets moeilijk is om te bepalen, of te kwantificeren. Als ik een ruwe schatting moet maken, schat ik dat 90% van de bevolking normaal is in de zin als hierboven beschreven, 3% in de grijze zone zit en 7% volstrekt abnormaal is. Die laatste groep wordt veel beschreven en besproken, en als ‘psychiatrisch’ of ‘beperkt’ beschouwd. Daardoor krijgen sommige mensen de indruk dat iedereen in die twee laatste groepen zit. Dat is volgens mij niet het geval.

Al van jongs af aan ben ik gelukkig enorm gefascineerd door regels en classificatie. Of het nu te maken heeft met getallen, astronomie, boekhoudkundige codes, medische classificatie, technische systemen of de ordeningen van bibliotheken en informatie. Soms om onzinnige constructies te maken maar vaak om het overleven mogelijk te maken.

Zo kijk ik graag naar en bestudeer graag het gedrag, de handelingen, vreemde bedoelingen en woorden van andere mensen. Ik probeer me voor te stellen hoe het moet zijn om normaal te zijn. Wat de lusten en lasten zijn, de drijfveren en hoe het binnenin hun hoofd moet zijn. Normaal is in de ene situatie absoluter dan in de andere, maar in de meeste situaties is het een kwestie van leven en dood, van in of uit. We moeten het woord dus wat minder met aanhalingstekens schrijven. Dat getuigt volgens mij van weinig respect van mensen die er dagelijks veel moeite voor moeten doen.

Tot slot … het blijft een ambitie

Het is niet mijn ambitie om te worden als “the unknown citizen” van W.H. Auden, maar tegenwoordig wordt deze ‘onbekende burger’ wel als een van de idealen van de ‘normale mens’ beschouwd. Paradoxaal genoeg bevestigen ook de vele boeken over authenticiteit, uniciteit, jezelf vinden en uitblinken dat ideaal. Noch het ene noch het andere is voor mij weggelegd. Niet speciaal, en bij (dichte of verre) benadering normaal.

Binnen mijn woning en mijn comfortzone kan ik gelukkig zijn wie ik ben, maar verder zit er weinig anders op dan regels te leren, voor zover mogelijk, en de correcte toepassing ervan te blijven drillen. Zoals vroeger de vervoeging van de Franse werkwoorden être en paraître. Zelfzorg en blijvende ondersteuning zijn daarbij voor mij even belangrijk. Ook zorg dragen voor mijn energie en voor mijn privacy horen daarbij. Voldoende beslotenheid toelaten enerzijds en voldoende gerichte blijvende en nieuwe initiatieven blijven nemen anderzijds. En hopen dat mijn verstand en mijn lichaam het blijven uithouden natuurlijk.

2 Comments »

  1. Het toeval wilde dat mijn dag met deze, bijna identieke, overwegingen begon. En nu, halverwege de dag denk ik na het lezen van jouw overpeinzingen, dat iedere koorddanser die zijn vak serieus neemt, zich wel bewust moet zijn van het wankele evenwicht. En dan ook nog bij ieder klein pasje dat hij zet.
    (PS, ben van middelbare leeftijd en ben ’n recent gediagnostiseerde ASS.)

    Like

  2. Misschien heeft ‘de wereld’ wel behoefte aan jouw niet-normaal zijn omdat er gelukkig nog mensen zijn die zich niet ongemakkelijk voelen als iemand zich ‘anders’ door het leven heen beweegt. Gelukkig blijkt dat jouw unieke leven maakt dat jij zo prachtig kan schrijven en daar al lange tijd mensen blij mee maakt. Bedankt Sam voor jouw bijdrage!

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s