Over gezelligheid gesproken … autisme en gezelligheid

Op het moment dat ik dit schrijf, is het terug periode van het jaar waarin ik van veel mensen om me heen hoor dat ze het ‘gezellig’ willen maken. Of ze spreken met afschuw van plekken waar het ‘ongezellig’ was. Het is voor mij niet altijd duidelijk wat ze daar precies mee bedoelen. Ik denk soms dat ze het zelf ook niet goed weten.

Nochtans gaat het woord ‘gezelligheid’ al ruim zeven millennia mee. Het zou een typisch Nederlandse gewoonte zijn om geborgenheid op te zoeken in het gezelschap van wie je graag hebt, waarbij je de tijd uit het oog verliest. Vermoedelijk loopt er geen Nederlands bloed door mijn aderen, want ik heb hoegenaamd geen aanleg of gevoel voor gezelligheid.

Of dat iets met autisme heeft te maken, weet ik niet zo goed. Hoewel gezelligheid voor sommige mensen met autisme een echte opgave is, lijken anderen er in te slagen om dat wel aan te voelen. Mijn liefste, ook voorzien van een behoorlijk autistisch brein (en bijhorende diagnose), heeft alvast geen probleem om een sfeer te scheppen waarvan bezoekers zeggen dat ze voldoet aan ‘gezelligheid’.

Bij haar is er in deze periode volop kaarslicht, een boom met alles erop en eraan, kerstmuziek, kerstfilms in de Blu-ray, een warme gloed uit de versierde kachel, een mooi gedekte tafel, kersthapjes, Kidibull die koud staat, gezelschapsspellen, opgehangen kerstsokken, fleecedekentjes op de driezit en een raam versierd met feeërieke lichtjes.

De pakken kerstkaartjes zijn al een hele tijd de deur uit, voorzien van een eigen handgeschreven gedicht, en met onze namen, en een pootjesstempel van onze kat.  Op kerstavond kijken we gewoontegetrouw naar een van de vele kerstfilm in de collectie van mijn liefste.  En voor het slapen gaan lees ik, om de traditie te eren een kerstgedicht voor. Telkens hetzelfde, uiteraard : Twas the night before Christmas in de originele versie van Clement Clark Moore van 13 maart 1862.  Moore wist immers als geen ander dat kerstavond in Maart viel, en niet in December.

Zelf ben ik niet zo traditioneel. Mijn vertrekken zijn in deze periode van het jaar volledig kerstvrij, verduister of minimaal verlicht, lekker fris en vooral zo kaal mogelijk. In mijn gedachten ben ik dan op een van de weinige plaatsen op deze aardbol waar er geen kerstsfeer hangt.

De weinige keren dat ik deze vaststelling deel met anderen, duiken tal van verklaringen op die volgens mij nergens op slaan. De eenvoudigste verklaring is die van de smaak. Ik heb gewoon geen smaak, geen gevoel voor de winterperiode. Omdat ik meer een tussenseizoenmens ben. Daar klopt wel iets van. Of het nu hoogzomer is of putje winter, telkens een bepaalde collectieve stemming mijn structuur overhoop haalt, en bepaalde weeromstandigheden opduiken waar ik moeilijker aan kan wennen, wordt ik daar erg mistroostig van. Dan denk ik alleen nog aan overleven.

Een andere uitleg, die wel wat raakpunten heeft met de vorige, is dat ik een zware vorm van omgevingsblindheid zou hebben. Ik zou teveel in mijn hoofd leven om mij ervan bewust te zijn hoe een ruimte aangekleed moet worden om gezellig te zijn. De meest discriminerende uitleg van allemaal vind ik wel dat het eraan ligt dat ik een man ben. Mannen zijn nu eenmaal niet zo bezig met gezelligheid, vrouwen daarentegen des te meer. Ik ben dus een smaakloze man die alleen in zijn hoofd leeft. Gezellig !

Hoewel ik de indruk zou kunnen wekken dat ik een ‘kersthater‘ (zoals de Grinch van Dr. Seuss) zou zijn, of niet tegen gezelligheid kan, is dat zeker niet het geval. Meer zelfs, ik kan enorm genieten van kerstversiering, de atmosfeer in de winkelstraten, de ijspiste in het midden van het stadspark, enzovoort. Weliswaar vanop een veilige afstand, en zonder er zelf aan te moeten deelnemen. Dit jaar heb ik die winkelstraten overigens gemeden als de pest. Toch bestaat de kans dat dit de mooiste kerst ooit wordt. Zonder veel lawaai, vuurwerk, feestgangers, uitgerukte brandweer, politie en ambulances, enzovoort. Zonder veel hooggespannen sociale verwachtingen en kans op overprikkeling of misverstanden dus. Of dat hoop ik toch.

Voor mij is gezelligheid veel meer dan een woord. Het is een belevenis, een expressie, die draait om het maken van een ‘warme’ atmosfeer, omringd zijn door mensen die ik graag heb. Gezelligheid staat volgens mij bijna nooit op zichzelf. Het is een reactie op iets anders. Zich nestelen aan het haardvuur met een warme chocomelk (al dan niet met een toef slagroom) vind ik pas echt gezellig na een lange winterse wandeling in een bos of aan het strand. Gezellig tafelen met vrienden en kletsen over de grote en kleine dingen in het leven wordt pas gezellig als je die vrienden al goed kent en houdt van eten en praten. Een gezellige avond bij kaarslicht wordt dus pas gezellig als de omstandigheden zich daartoe lenen. In een net iets andere context kan een avondje bij kaarslicht het toonbeeld van ongezelligheid worden.

Voor mij wordt gezelligheid niet zozeer gemaakt door het interieur of het gezelschap. Het wordt niet bepaald door het kaarslicht, een maaltijd, het haardvuur of mensen om me je heen. Dat gezelschap wil nogal eens qua gezelligheid tegenvallen, is mijn ervaring, zeker als het veel alcohol op heeft en alle bloed van de hersenen is weggetrokken om de zeven gangen te kunnen verteren.

Gezelligheid heeft voor mij toch vooral te maken met jezelf kunnen zijn, tevreden zijn met eenvoudige dingen in je leven, en humor kunnen beleven. Er wordt vaak gelachen in omgevingen waarin het gezellig is. En om te lachen hoef je volgens mij niet noodzakelijk met meerdere mensen samen te zijn, laat staan dicht bij elkaar. Gezelligheid kan zelfs volledig losstaan van een interieur of gezelschap aan tafel. Mijn aanvoelen van gezelligheid leunt wellicht meer aan bij de uitspraak van de Israëlisch-Britse kok & auteur  Yotam Ottolenghi, een van mijn idolen:  “Gezelligheid is een mooie dag niet aan je voorbij laten gaan. Als de zon schijnt, op de drempel gaan zitten met een glas van je lievelingsdrank en genieten van het moment.” En dat is natuurlijk van alle seizoenen.

3 Comments »

  1. Ik moet niets van dat verplicht samen zijn en het gezellig maken. Altijd blij als ik terug thuis ben en mijn ding kan doen. Kerst heb ik ook niet nodig. Teveel kitch om me heen. Voor mij is het al gezellig als ik thuis ben met vrouw, dochter en katten. Ieder zijn gedacht natuurlijk.

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.