Groepsmens vs ambachtsman

In een groepje een gemeenschappelijke opdracht tegen een uiterste datum tot een goed einde, en tot gezamenlijk verkregen eindresultaat brengen, dat is al jaren geen sinecure voor mij.

Een culturele schoolreis naar Denemarken

Het voorbeeld dat ik me daarbij steeds voor ogen komt dateert van toen ik 17 was.

Twee lummels, een seutje, een trutje en uw dienaar krijgen een klassikale opdracht met een fictief budget een culturele schoolreis naar Denemarken voor te bereiden. Voor wie zich mocht storen aan de namen, ze komen uit mijn puberteit, op dit moment zou ik ze natuurlijk anders, hoewel niet noodzakelijk minder vleiend, noemen.

Als de zucht geslaakt bij de opdracht al diep is bij mijn klasgenoten, dan is die bij het besef dat ik bij hun groepje zou aansluiten nog veel dieper.

Een ander beeld van het project

Dat heeft een aantal redenen, die me toen nog niet duidelijk waren.

Om te beginnen is er op dat moment tussen mijn (neurotypische) klasgenoten en mezelf een fundamenteel andere invalshoek in de benadering van het project.

De andere vier willen vooral goed met elkaar overeenkomen, er een leuke tijd van maken, allerlei groepsuitstappen maken onder het mom van teambuilding en met het uiteindelijke eindproduct iets meer dan voldoende halen. Zelf wil ik vooral de taak zo goed mogelijk uitvoeren, liefst op een aangename manier, zonder veel stress, maar een nuttig & goed eindproduct neerzetten, en daarmee minstens onderscheiding halen.

Een ander beeld over samen werken

Daarnaast is een andere opvatting over ‘samen werken’ een groot struikelblok. Dit valt volgens mij uiteen in vier elementen.

Ten eerste vind ik het in samen werken erg belangrijk om complementair te zijn, elkaar aan te vullen.

Zo is Lummel 1 goed in informatie opzoeken. Dat is niet vanzelfsprekend in die tijd. We hebben ’t over de tijd dat Internet nog in de kinderschoenen staat. Hoewel het lijkt of hij voor ontbijt Risperdal & Dipiperon tegelijk slikt, is hij verbazend thuis in catalogi met steekkaarten, dikke knipselmappen, ernstige bibliothecarissen en oude fotocopiemachines.

Lummel 2 vult hem aan omdat hij die informatie goed kan structureren en zelfs layouten. Met zijn WordPerfect 5.1 met enige toeters en bellen is hij altijd op dreef.

Zelf ben ik goed in het schrijven van een presentatietekst. In die tijd maak ik nog geen grammatica – en spellingsfouten. Seut van haar kant is een eersteklas screener op vlak van verstaanbaarheid. Als zij het kan herverwoorden en verstaan dan weten we dat het taalkundig en qua inhoud niet te moeilijk is. En Trutje van haar kant heeft een zeer verzorgde taal, kan goed charmeren, en brengt zelfs de saaiste tekst swingend en sexy voor een groep.

Profileringsdrang

Mijn neurotypische vrienden echter vinden het erg nodig zich te profileren. Ze willen niet in een hokje of een specialisatie geduwd worden. Meer zelfs, als ze – ook van de leerkracht – horen waar ze goed in zijn, vinden ze dat enigszins beledigend. Dat is een tweede verschil met mij.

Meer zelfs, Seut staat erop zich te profileren als ‘content expert’. Trutje houdt voet bij stuk dat zij veel beter kan schrijven. En de Lummels zullen het geheel wel coördineren, en verder wat surfen en chatten, en ‘cool’ zijn. Wat de andere twee eigenlijk ook wel willen, en zo wordt er veel gepraat en gegiecheld, en verglijdt de tijd.

In een avond klaar

Intussen ben ik al lang naar de bibliotheek vertrokken en surf, typ, plak en knip eigenhandig een uitgebalanceerde culturele reis in elkaar. Nog vlak voor ik de school verliet, ben ik nog eens bij mijn volgleerkracht geweest, die me nog wat tips meegaf, en een inspiratiebundel van vorige jaren.

Tegen het einde van de avond ben ik er mee klaar. Met veel Hygge, een bezoek aan Legoland, allerlei trips en natuurlijk de mythe van de Kleine Zeemeermin. Alleen vind ik het eindresultaat toch maar niets en wil het al in duizend stukjes scheuren. Tot ik me bedenk en me afvraag of ik het niet eens zou tonen aan mijn volgleerkracht.

‘Dat is niet de bedoeling’

De volgende dag vindt Mijnheer Emmer dat ik het prachtig gedaan heb en dat ik vooral niet zo mijn best moet doen. Hij vindt wel dat ik dit niet kan inleveren. En er is nog veel werk voor de boeg.

Want : ‘Dat is niet de bedoeling. Lees de opdracht eens opnieuw. Het is een groepsopdracht hé ? Dan is het zoals in een ploegentijdrit in wielrennen : je moet allemaal aankomen, het is de laatste die aankomt die de tijd maakt van de ploeg. En als je er een tijdrit van maakt, kan je gediskwalificeerd worden’. Nu is ’t aan mij om te zuchten en een lang gezicht te trekken. Want ‘met die vier lukt ’t niet om contact te hebben’.

Een andere invulling van contact

In mijn visie van samenwerken is contact immers anders ingevuld dan bij de anderen. Dat is een derde struikelblok.

In tegenstelling tot hen vind ik het energieslopend telkens opnieuw samen te zitten, eindeloos af te stemmen, face-to-face te communiceren of op café te gaan ‘om de banden aan te halen’.

Het is volgens mij evenmin nodig dat iedereen in elk element van de presentatie een inbreng heeft. Een regisseur of secretariaat, iemand die de groepsleden opvolgt (en aanport) en informatie coördineert, kan wel belangrijk zijn. En daar loopt ’t tussen ons ook grondig mis. Niemand wil elkaar aanporren, wel integendeel. Het heeft allemaal geen haast, het mag hun sociale leven geenszins beperken.

Een ander gevoel van timing

Daardoor loopt de timing bij ons heel anders. De timing is het vierde grote struikelblok. Zowel bij mezelf als bij de vier anderen is er veel uitstelgedrag. Alleen hebben zij ’t moeilijk met beginnen, en heb ik het moeilijk met afsluiten. Zij stellen het begin uit, terwijl ik de afwerking, het einde afstel. Zo komen we natuurlijk nergens.

Een acht voor taak, een één voor samen werken

Zoals verwacht lukt het niet om als groepje te functioneren, laat staan samen te komen. Hoeveel ik ook mijn best doe. Uiteindelijk maak ik het werk toch alleen. Niets op aan te merken, maar toch ben ik gezakt. Een acht voor de taak, een één op tien voor samen werken. Tezamen dus 4 op 10.

Terwijl de anderen net voldoende hebben. Een 7 voor samenwerken en een 3 voor de taak. En voor het aspect groepswerk krijgen we, apart, nog een onvoldoende. ‘Natuurlijk’, zeggen mijn groepsgenoten, ‘met zo iemand kan je toch moeilijk iets doen’. Hun ouders komen eens langs bij de vakleerkracht en die kan hen moeilijk ongelijk geven.

Een waardevolle les

Bij de nabespreking met mijn mentor wordt duidelijk dat ik niet mag klagen. Nochtans zeg ik op dat moment dat ik het oneerlijk vindt, dat de anderen naar mijn gevoel niets gedaan hebben en ik gewoon mijn best doe. Toch zie ik dat verkeerd. Ik mag blij zijn dat ik gewoon geen ‘nul’ gekregen heb voor de opdracht.

Ik ben weliswaar goed in de ‘taak’ (concreet uitvoeren, een verzorgd resultaat brengen) maar het ‘groepswerk’ (samen werken met mensen, om het even welk niveau) is ontoereikend. En laat dat laatstgenoemde nu zijn waar het om draait sinds mensenheugenis. Kijk hoe mensen beschaving hebben ontwikkeld, kijk hoe de piramides gebouwd worden, zie hoe de kathedralen gemaakt zijn, lees over de Franse Revolutie, over de arbeidersopstand … allemaal door groepswerk.

Hoewel het moeilijk is op dat moment om dat te plaatsen, ben ik er Mijnheer Emmer nog steeds dankbaar voor dat hij mij dit uitgelegd heeft. Of toch heeft proberen te duiden.

Omgaan met beperkingen

Dat wil natuurlijk niet zeggen dat ik nu zo’n expert ben geworden in groepswerk. Integendeel. Maar ik pak het anders aan. Ik ben mij bewust geworden van beperkingen, dat groepswerk niet aan te leren is. Zelfs toen ik mij niet bewust was van mijn autisme.

Als het enigszins kan vermijdt ik groepswerk, of stel van in het begin al duidelijke verwachtingen.

Als het niet anders kan dan in groep werken, dan focus ik me niet meer op de taak maar op samen werken. Ook al is het jammer dat hierdoor een ‘minderwaardig’ product wordt afgeleverd. Ook al is het tegen mijn principes.

Het smeden van een band en vertrouwen, en in de mate van het mogelijke groepswerk te imiteren door compensatie, is belangrijker.

Natuurlijk bereid ik me voor op het moment dat iedereen wanhopig is voor een resultaat, en er toch iets op tafel moet komen. Maar ik maak er mij niet meer druk om. Het is geen slapeloze nachten meer waard. Als het op groepswerk aankomt, laat ik het aan mij voorbijgaan.

Dalende kwaliteit in het onderwijs ?

Zo kom ik jaren later tijdens een hogeschoolopleiding in een groepsproject terecht waar we ondanks een minderwaardig product – maar met een perfecte samenwerking – toch onderscheiding haalden.

Als beweerd wordt dat de kwaliteit van het onderwijs gedaald is, dan is dat vooral omdat mensen met autisme, zoals uw dienaar, zich zoveel moeten aanpassen. Niet zozeer omdat er meer mensen met autisme of mensen met een handicap tout court in het (gewoon) onderwijs (secundair of hogeschool) ‘toegelaten’ worden.

De Koreaanse weg op ?

Er wordt volgens mij misschien te weinig aandacht besteed aan taakuitvoering en teveel aan groepsmatig samen werken (het ‘procesmatige’). Maar wellicht komt omdat een school de spiegel wil zijn van ‘de arbeidsmarkt’. Een arbeidsmarkt waar men de Chinese of Koreaanse kant op lijkt te gaan, alle neuzen in één richting kijkend naar de Grote Leider.

Of toch terug naar de alleen werkende ambachtsman ?

Voor mij dan toch liever de alleen werkende ambachtsman of – vrouw. Die krijgt een opdracht krijgt van een klant, die hij, al dan niet via tussenpersoon, spreekt. Hij kan kort overleggen als de specificaties of input niet helemaal duidelijk zijn.

Maar dan kan de ambachtsman in zijn ‘kot’ duiken. En al waar hij of zij goed in is ten volle aanspreken. Tot hij met een voorstel van eindproduct of een oplossing op de proppen komt. Hij kan dan de functionaliteit van de oplossing overleggen met de klant en die nog aanpassen aan diens verwachtingen.

En dan uiteindelijk het eindproduct zelf afleveren aan zijn klant. Zodat hij weet waar het voor dient, of het in orde is, en wat er nog aan kan veranderen.

Maar dat is misschien nog niet voor morgen.

6 Comments »

  1. Beste Tistje,
    Kan even niets anders dan de vragen aan je hier te stellen.
    Ken jij ook Aspergers die:
    – Moeite hebben met van het leven te genieten (ben niet depressief meer, maar dit wel geweest heel zwaar)
    – Ook zo wantrouwend naar mensen en naar hulpverleners.
    – Ook zo moeite met interpersoonlijke relaties hebben? Wetend dat ze er wel zijn maar het niet kunnen voelen?
    – Ook verder kunnen kijken en dingen aan ziet komen die een ander niet zien?
    – Opmerkkingen krijgen ‘lui’ te zijn terwijl diegene met Asperger er anders tegenaan kijkt?
    – Veel praat maar dit liever niet doen?
    – Moeite hebben met het gedrag van mensen en de neiging hebben zich terug te trekken tot het kluizenaarsleven?
    – Voelt wat er gaat gebeuren en van crisis situaties te houden en hierin helder kunnen denken?
    – En vooral veel zich aan mensen ergeren maar zelf steeds hetzelfde doen?

    Tistje, je hoeft ze niet te beantwoorden.
    Maar ik wilde ze gewoon vragen.
    Zou je hierover wat blogs kunnen schrijven?

    Groet,

    Sociale Kluizenaar.

    Like

    • Als u het niet erg vind (en anders ook natuurlijk) ga ik toch een poging doen tot antwoorden, Sociale Kluizenaar. Vooreerst bedankt voor uw reactie.

      Om te beginnen spreek ik liever over Autisten (zelf ben ik geen Asperger) en het liefst nog Mensen.

      Ik ken wel zulke mensen die u beschrijft, ja, in de lokale pass-kringen en op fora (bv Autsider zijn er een aantal van deze mensen.

      Soms ben ik er ook een van, maar ik heb niet zo’n moeite met mensen die het kluizenaarsbestaan aantrekt, zelf ben ik ook wel in zekere zin een beetje kluizenaar.

      Waarschijnlijk zal er hier en daar wel een blog over deze mensen verschijnen, maar een blog gaat in wezen over de eigen beleving. Sowieso is het voor mij moeilijk over andere mensen te praten, tenzij ze zich echt bemoeien met mijn leven.

      Maar ik doe mijn best. U vraagt, wij doen ons best te draaien 😉 (maar niet te veel, er is maar één koers te varen, nietwaar?).

      Het ga je goed en wees vrij om nog reacties te posten.

      Like

  2. – Dat de buitenwereld het altijd beter weet (denkt men) maar dit vaak niet zo heeft?
    – Dat sommigen hun eigen medische diagnose kunnen doen, wat soms ook tot onbegrip leidt?
    – En vooral heel veel vragen hebben waarop gewoon antwoorden zijn?
    – Wetend dat er meer in zit, maar niet weet waar de hoge intellegentie ligt. Of hoe je dit moet testen?

    Ach, zo zullen er nog wel meer zijn.

    Like

  3. Dank voor de reactie Tistje.
    Het is goed om te weten dat er meer zijn die het kluizenaarsbestaan in zich meedragen.
    Als ik dit maar zwart wit kan noemen.

    De punten die ik als vraag aandroeg zijn deels op mij van toepassing.
    Het is en blijkt echte erg lastig.
    Wanneer is er een evenwicht.

    Het vreemde is juist dat de materie kluizenaar mij erg aanspreekt.
    Misschien wel de eigenschap van zo’n persoon in kwestie als wel het mystieke en eigenzinnige.
    Jammer genoeg zijn er weinig blogs over dit punt te vinden.
    Wel in het engels, maar toch is er weinig over deze mensen bekend.
    Dat is wat het idee van mij erbij is.

    Tistje bent u weleens gewaarschuwd voor het feit om op te passen om geen kluizenaar te worden?
    Om u niet teveel terug te trekken?
    Dit is bij mij wel gebeurt.
    Op de één of andere manier zien ze het.
    Mijn ouders waren er ook bang voor.
    En het was wel iemand die het constateerde die ervaring heeft met ASS.

    En jah, we kunnen maar één koers varen.
    ik zou alles zo graag willen.
    maar dit kan niet.
    dit is erg jammer.

    het ga ook u goed.

    Sociale Kluizenaar.

    Like

  4. Dag Tistje,

    Ik ben GON-begeleider en ik heb je tekst met veel aandacht gelezen.
    Ik zou hem graag gebruiken om met studenten en ook met docenten in secundaire en hogescholen te spreken over de moeilijkheden die tussen de twee groepen (emotypical en auti) bestaan om op een vlotte manier samen te werken. Ik zou hier de vooroordelen van de emo’s tegenover de auti’s willen proberen te doorbreken. Ik wil hen ook aan het denken zetten om elke mens de kans te geven op een volwaardige en bevredigende manier zijn deel te doen in wat men groepswerk noemt.
    Ik wil daarvoor jouw toestemming om je tekst te kopiëren.
    Marcel

    Like

    • Dag Marcel, dank u wel voor uw waardering. Het doet me deugd als er gonbegeleiders iets aan kunnen met mijn schrijfsels. Als u er op een of andere manier een link naar mijn blog bij legt, geef ik graag toestemming. Het ga u goed!
      Sam (aka Tistje)

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s